De Pijp als Europese vrijplaats voor pornografie

Datum: 21 februari 2023 / Editie: Februari 2023 / Auteur(s): Marianne Grunell

Pornografie is van alle tijden. Tegenwoordig wordt het woord “porno” voor van alles gebruikt. Zoals in “gereedschappenporno”. Gebruikt als iemand verslaafd is aan het kijken naar YouTubefilmpjes over allerlei gereedschappen, zoals waterpomptangen. Echt waar. Ook echt waar is dat De Pijp eind 19e eeuw het centrum was van verspreiding van porno.

In 1885 was Amsterdam een vrijplaats voor pornografische uitgaven. Deze zogenoemde ‘vliegende blaadjes’, dun en daarmee onherkenbaar te versturen door afwezigheid van kaften en dergelijke, bleken veelal te worden gedistribueerd vanuit De Pijp. Parijs had, naast culturele hoofdstad van Europa, ook de naam van de Europese broedplaats van zedeloosheid. Voorafgaand aan Amsterdam gold Brussel als hoofdstad van plezier en verderf. Maar vanaf 1885 trok Amsterdam pornohandelaren uit het buitenland. Zij vestigden zich in De Pijp. De liberale wetgeving in Nederland bood hen nieuwe kansen.

Pornografie uit De Pijp
Zo vluchtten na 1885 de Franse Auguste Brancart en François van Crombrugge met hun gezinnen uit het repressieve Brussel naar de Amsterdamse Pijp. Brancart woonde op de Ferdinand Bolstraat 44 hs. De buurt deelde hij met uitgevers als Dirk Buijs, Tweede Jan van der Heijdenstraat 20 en Carl Wilhelm Max Paul Shorter in de Frans Halsstraat 24. In de Tweede Jan van der Heijdenstraat, op nummer 26 en 30, hielden verschillende Europese vluchtelingen kantoor. Ook Oost-Europese uitgevers trokken naar Amsterdam, zoals Carl Gustaf Bellak uit Belgrado. Bellak woonde op de Albert Cuypstraat nr 69.

Werden de dunne pornografische drukwerkjes anoniem of verhuld tegen betaling verstuurd, sommige titels en illustraties laten weinig over aan de fantasie: Pomme d‘ amour, Liefdesappel, met zicht op een kloek getekende vagina. Gedrukt in Montreal, Canada in 1893, om vervolgens het Europese publiek te inspireren of vermaken. August Brancart tekende voor de druk en de distributie. Zijn naam komt terug als drukker en verkoper van titels als A story of a dildoe. Een catalogus geeft ondubbelzinnige titels als: New Model Photos of Young Girls: 6 to 12 Years of age, in all positions imaginable of Sool-stirring Amusements of a White Woman with a brute African-Negro in 25 attitudes. We schrijven ongeveer 1890. Vanuit De Pijp worden deze titels aangeboden: meisjes tussen 6 en 12 jaar in alle denkbare houdingen, blanke vrouw speelt met een brute zwarte Afrikaan, en wel 25 keer anders. Al meer dan een eeuw kennelijk constanten in de fantasie van veel mannen.

Liberale zedelijkheidswetgeving
Wat zochten deze boekhandelaren en handelsagenten in Nederland en wat vonden ze in de Amsterdamse Pijp na 1885? Deze zogenoemde ‘Amsterdam gang’ werd aangetrokken door het liberale klimaat en de tolerante zedelijkheidswetgeving in Holland. In 1886 trad, na de keizerlijke Franse Code Pénal, nieuwe wetgeving in werking. In artikel 240 van het nieuwe Wetboek werd het drukken en verspreiden van pornografie in ‘de vliegende blaadjes’ strafbaar gesteld. Maar in de toelichting stond dat de wetgever het niet tot zijn taak rekent om burgers te beschermen tegen vrijwillig gezocht zedenbederf. Zo is liberale tweeslachtigheid in de wet verankerd. Individuele consumptie mag, maar productie en verspreiding niet. Vraag blijft: hoe komen de consumenten aan de blaadjes?

De buitenlandse handelaren kwamen hier enige jaren mee weg. Boeken waren geen object van zorg en de dunne boekjes en pamfletten, de ‘vliegende blaadjes’ waren niet strikt als strafbaar gedefinieerd. Het was aan justitie om aan te tonen dat de drukwerkjes niet ‘onbedoeld’ onder de ogen van onschuldige burgers zouden komen. Daar maakte justitie wel werk van. De handelaren werden in de loop der jaren in de gaten gehouden. Zo werd in 1895 bij boekhandelaar François van Crombrugge boekjes met een geschatte waarde van 30.000 gulden in beslag genomen en vernietigd. Van Crombrugge en ook Brancart werden veroordeeld, maar deze oordelen werden weer vernietigd. Tenslotte werden ze echter alsnog toegewezen door de Hoge Raad. De interpretatie van verspreiding werd strikter, waardoor ook verspreiding door verzending ‘op verzoek’ strafbaar werd. Deze uitspraken zouden pas in 1911 leiden tot een herziening van artikel 240 van het Wetboek. En daarmee hield De Pijp voorlopig op verspreider van pornografie te zijn.


Bron: Bert Sliggers, ‘Amsterdam als porno hoofdstad van Europa, 1885-1900’, De Boekenwereld.
Blad voor bijzondere collecties, 35-2/2019, p. 78-83

BLIK OP EEN BUURT: Diamanten verdrijven monument Dora Tamana uit het Asscherkwartier

Datum: 19 december 2022 / Editie: December 2022 / Auteur(s): Marianne Grunell

Een interview met Ingrid van Alphen over het Dora Tamanaplein dat onderdeel is geworden van het “Asscherkwartier”.

Samen met Ingrid van Alphen sta ik onder het stratenbordje Cullinanplein Diamantbuurt, een verbindingsstraatje in de Willibrordusbuurt waar de Openbare Bibliotheek Amsterdam en theater en café CC Amstel zijn gevestigd. De Cullinan is een zeer grote diamant, vernoemd naar de eigenaar van een Zuid-Afrikaanse mijn. Begin 20e eeuw is deze gekliefd en ge slepen door Joseph Asscher van de Koninklijke Asscher Diamant Maatschappij. Opmerkelijk is dat het stadsdeel ons wil doen geloven dat we ons in de Diamantbuurt bevinden. Diamantbuurt staat er op het bordje, terwijl die buurt volgens de kaarten pas elders begint.

Wat is hier aan de hand? Heeft het stadsdeel zijn geheugen verloren?

Denktank
De Asscherfabriek was een diamantslijperij en vormt een van de randen van het Dora Tamanaplein, maar ook niet meer dan dat. De ontwikkeling van wat nu het Asscherkwartier heet, begon juist met het Dora Tamanaplein, waar in 1988 de eerste sociale huurwoningen werden opgeleverd. Ingrid van Alphen was, samen met haar dochtertje, een van de eerste bewoonsters. Vanaf het begin was zij betrokken bij de ontwikkeling van het plein. (Zie ook ‘Toch feest op het vernieuwde Tamanaplein’ in De Pijp Krant 2018, nr 5). Zij was door de jaren heen contact- en regelpunt van de diverse inspraakgroepen. Sinds 2006 was dat de ‘Denktank  Archiefterrein’, toen het omvattende plan werd gepresenteerd voor het vullen van de ruimten na de sloop en verhuizing van het Gemeente Archief. De kern van de denktank bestond uit zo’n twintig omwonenden en Ingrid hield digitaal de achterban, een groep van nog eens 88 buren, op de hoogte van alle ontwikkelingen. Inspraak van de omwonenden over het gehele terrein – groen, veiligheid, bouwhoogte, huisvesting, culturele invulling, noem maar op. Alles kwam in die jaren aan de orde tijdens vele inspraakavonden met het stadsdeel en het overleg met belangrijke opdrachtnemers als Volker Wessels.

Kunstwerk Dora Tamana zoek
Een van de kwesties die Ingrid doen kleuren van verontwaardiging, is het verdwijnen van het monument ontworpen door Tine van de Weyer dat in 1990 is onthuld. Dat sculptuur hing aan de achterzijde van het stadsarchief. Opgedragen aan de Zuid-Afrikaanse vrijheidsstrijdster Dora Tamana (1901-1983) bracht de kunstenares een hommage aan deze strijdster. In 2010 is het moderne deel van het stadsarchief afgebroken en moest de sculptuur worden opgeborgen. Veel bewoners gaven aan het kunstwerk te willen terugplaatsen. Maar niet alleen is het kunstwerk verdwenen en vernietigd, de beeldhouwster, die een veelheid aan oorlogsmonumenten op haar naam heeft staan, is niet uitgenodigd voor het creëren van een nieuw kunstwerk. Vervanging van het monument was in het definitief ontwerp voor het gebied uit 2016 niet opgenomen. Het nieuwe kunstwerk uit de percentageregeling van de gemeente moest het karakter van hele gebied (met verder allemaal namen van edelstenen) benadrukken. In de formulering van de kunstopdracht is dan ook geen enkele verwijzing naar Dora Tamana te vinden. Het gedachtengoed van Dora Tamana werd zo geheel verdrongen door diamanten. Navrant als je weet dat de werkers in de diamantmijnen vooral zwart waren. Een gebrek aan historisch besef lijkt de deelraad parten te spelen.

Is het exemplarisch voor de omgang van de lokale politiek met de bewoners? Ingrid van Alphen benadrukt dat zij met de denktank een gemengde invulling van alle vrijgekomen ruimten op het plein wilden, met sociale huur, studentenhuisvesting, een kind- en speelvriendelijk plein, en huur- en koopwoningen, met kunst, cultuur en graag zonder school.

Steenmassa
De denktank wilde ook aandacht voor de omgeving, de horizon en de plint (onderstuk van de oude fabriek), voor groen en veiligheid, en een sociale samenhang van huur en koop. Naast overwegend koopwoningen zijn er anno 2022 een theater, café, een bibliotheek, een hotel, een terras, een ondergrondse parkeergarage en een school (IVKO) gerealiseerd. In 2021 zijn de dure koopappartementen in de Asscherfabriek opgeleverd. En in 2022 is de Briljant, ‘lofts en penthouses’ op de kop van de Amsteldijk, gerealiseerd. Niet direct op het plein, maar wel deel van het ontwikkelplan. Het is een uitroepteken achter de ontwikkeling van steeds duurdere koopappartementen, alle vernoemd naar diamanten zoals de Emerald en de Radiant. Terwijl het plein nu als ‘af’ wordt beschouwd door het Stadsdeel, is de steenmassa buiten proportioneel gegroeid. In weerwil van het vergroeningsbeleid van de gemeente. Maar de gemeenschapszin is behouden: oude en nieuwe bewoners, verenigd in Buurtgroep Dora Tamana, mogen meedingen naar subsidies voor groen in de buurt, dat wil zeggen, voor hun vergroeningsidee: stadstuintjes op het plein.

“Ik ben verhuisd zonder te verhuizen”, vat Ingrid van Alphen de ontwikkelingen samen. ”Maar dat bevalt best”.


Diverse bewoners op en rond het plein hebben voorafgaand aan en tijdens de procedure voor een nieuw kunstwerk op het plein erop aangedrongen dat het oude monument ter nagedachtenis van Dora Tamana op de een of andere wijze zou worden terug geplaatst. Na veel speurwerk bleek dat monument echter vernietigd te zijn. Daarover was geen contact met de kunstenares opgenomen. Maar het bleek in dusdanige staat te hebben verkeerd dat terugplaatsing onmogelijk was. Vragen over het karakter van een nieuw kunstwerk aan de gemeente werden helaas niet inhoudelijk beantwoord: “Er was geld gereserveerd voor een kunstwerk dat de identiteit van het hele gebied zou versterken.” Ook na hernieuwde correspondentie met het stadsdeel werd alleen gesteld dat een nieuw monument voor Dora Tamana alleen via het buurtbudget zou kunnen worden aangevraagd. Maar tevens werd gemeld dat het daar, gezien de kosten, waarschijnlijk niet binnen zou passen.

Het Amstelhuis zeurt niet

Datum: 28 oktober 2022 / Editie: Oktober 2022 / Auteur(s): Marianne Grunell

Op de hoek van de Ceintuurbaan en de Amsteldijk, waar vroeger de Willibrorduskerk stond, vind je het Amstelhuis. Het wordt geheel door pensionado’s bewoond. Wat vinden zij van hun huis?

Bewoonster Betty Wesdorp zegt het met een kwinkslag: “Het zal je moeite kosten om hier iemand te vinden die ontevreden is, en daar voor uitkomt”. De 140 pensionado’s van zekere leeftijd die in het Amstelhuis wonen zijn in overgrote meerderheid tevreden. De veelal tachtigers wonen in sociale huurappartementen of studio’s. Er is een inkomenstoets en er moet een kleine zorgvraag zijn, anders kom je niet in aanmerking voor een appartement. Achter de plint van het gebouw is een café/restaurant dat van tien uur ‘s ochtends tot negen uur in de avond open is. Vanuit de eigen keuken wordt koffie met taart tot en met een diner geserveerd – tegen een redelijke prijs. Kom daar maar eens om in Amsterdam. Ook zijn er verschillende voorzieningen zoals sportfaciliteiten in de kelder en fysiotherapie. Verder zijn de tuinen en terrassen op verschillende verdiepingen uitnodigend.

Initiatiefneemster Helene Pattijn werkte als directeur bij Cocon Vastgoed. Toen kwam het Amstelhuis, toen Amstra geheten, langs. Cocon Vastgoed heeft het complex kunnen aankopen en de appartementen tegen een sociale huurprijs kunnen aanbieden. Het idee is dat ouderen anders willen wonen dan vaak wordt gedacht. Niet die afhankelijkheid van driemaaltijden verzorgd en, georganiseerde activiteiten zoals het spreekwoordelijke bingo. Nee, een fatsoenlijk café en restaurant, waarbij je zelf kunt beslissen welke maaltijden je wilt nuttigen. Het café heeft de uitstraling van een ruime huiskamer met zitjes, een boekenkast en kranten. Bewoners kunnen ook zonder consumptie de krant gaan lezen.

Jonge ouderen
Het sociale profiel van ouderen is veranderd; de zeventigers van nu zijn ‘jonger’ dan de zeventigers van 30 jaar geleden. Ze hebben andere behoeften en hun kwetsbaarheid schuilt eerder in een val waardoor de rollator onontbeerlijk is geworden, dan in niet voor zichzelf kunnen zorgen. Als je dan bijvoorbeeld op driehoog aan de Ceintuurbaan woont, met van die bochtige smalle trappen, kom je niet meer op straat. En zo duik je in een proces van vereenzaming. Meer mensen zijn gescheiden, wonen alleen of hebben een klein sociaal netwerk. Dat wil niet zeggen dat bewoners niet veel moeten achterlaten, maar de formule van kleine zelfstandige woonruimte, en collectieve voorzieningen in huis, pakt goed uit. Bovendien vormen de bewoners in de appartementen hun eigen sociale kringen.

Het café/restaurant, de sociëteit, springt er uit. Het is een gezellige ruimte en bijzonder geschikt om gasten te ontvangen met tafeltje en zitjes voor vier personen. De kwaliteit van de maaltijden is boven gemiddeld goed, zeker gezien de prijs. Het café is ook een sociale entree tot de flats. Er is een eigen trap, maar de meesten kiezen voor de ingang via het café. En dan kom je altijd wel iemand tegen. Het initiatief trok veel belangstelling, van burgemeesters tot ministers, maar het blijkt moeilijk dit project elders te ontwikkelen.

Tevreden bewoners
Ellen Le Roy – Lopes Cardozo kende het huis van langslopen, en dacht: hier ga ik nooit wonen. Maar het kan verkeren. Ze werd weduwe en wilde niet klagen. Ze ging graag naar cafés om mensen te zien en de krant te lezen. Tijdens een Open Dag zag ze het huis van binnen, en toen ze hoorde dat er op dat moment nog een appartement vrij was, hakte ze direct de knoop door. Ze verliet een huis aan een van de grachten en nu woont ze er al bijna zeven jaar zeer tevreden: ze kan haar zoon, vrouw, familie en vrienden ontvangen voor een lunch of diner, of simpel in het café.

Ineke Dunharden, die sinds 2015 – de start van het huis – tevreden in het huis woont, is een van de weinigen die als oud lid van de bewonercommissie nog wel een kanttekening kan maken: “De inspraak van de bewoners is met het recht op raadpleging van de bewonerscommissie magertjes geregeld. Ineke was dat met een ondernemingsraad bij Citroën anders gewend. Maar iedereen blijft in het huis wel met elkaar praten. En dat is weer prettig”, aldus Ineke. Een actiepunt richting gemeente staat nog steeds: “De afschaffing van de halte van tramlijn 3 op de hoek, terwijl die tram je zo naar het Onze Lieve Vrouwen Gasthuis brengt. Onbegrijpelijk is dat.” De senioren van het Amstelhuis zeuren niet, maar actiepunten kunnen ze helder formuleren.

HeenenWeer vebindt werelden

Datum: 28 oktober 2022 / Editie: Oktober 2022 / Auteur(s): Marianne Grunell

Wie kent ze niet? Die kleine groene elektrische autootjes in De Pijp. Deze autootjes van Stichting HeenenWeer overbruggen korte afstanden voor bewoners die dat niet meer zelfstandig kunnen belopen. 

Een bezoekje aan de Albert Cuyp of cinema Rialto, een vriendin bezoeken, het kan allemaal met de groene Canta. Ook voor de dokter of de fysiotherapeut, of voor het feest van Het Amstelpark dat deze zomer 50 jaar bestond, staat de auto klaar als u hem hebt besteld. De klant betaalt één euro per rit.

HeenenWeer ontstond in 2017 letterlijk als initiatief van onderop. Twee bewoonsters, Titia van Grol en Mia Bouwhuis, zagen dat juist de kleine afstanden niet werden overbrugd door het bestaande vervoer, waardoor mensen onnodig snel afhaakten en hun sociale leven zagen afbrokkelen. Hun fijnmazige vervoersdienst moest antwoord geven op dreigende eenzaamheid. Daarin is het initiatief geslaagd. Er rijden anno 2022 drie Canta’s; samen rijden ze ongeveer 150 ritten per week. De initiatiefnemers konden hun idee realiseren door een anonieme schenking, waarvan de eerste twee autootjes, tweedehands weliswaar, konden worden bekostigd.

Marjolein van Haselen, die sinds 5 jaar vrijwillig als planner voor HeenenWeer werkt, vertelt enthousiast over haar werk. Plannen bij HeenenWeer is allereerst afspraken maken, maar het betekent vooral naar mensen luisteren. Soms hoor je dat iemand al drie maanden niet meer buitenshuis is geweest. En soms hoor je over iemands oorlogservaringen. Niet alleen de chauffeurs, maar ook de planners kennen hun klanten. Dat maakt dit werk bijzonder. Bovendien kennen de vrijwilligers elkaar waardoor er ook gemakkelijker voor elkaar wordt ingevallen – als dat nodig is. Zo is ook de interne organisatie van HeenenWeer met elkaar verbonden.


Wie interesse heeft om tenminste een dagdeel per week mee te werken – als vrijwillig planner of chaufeur – is welkom. Om zo werelden te verbinden.

Voor meer informatie: heenenweeramsterdam.nl

BLIK OP EEN BUURT: Theo Jeuken over de Gerard Doubuurt

Datum: 22 augustus 2022 / Editie: Augustus 2022 / Auteur(s): Marianne Grunell

Een halve eeuw in De Pijp

Zijn vader kon een mooie betrekking krijgen bij het House of England, een prestigieuze kledingwinkel aan het Koningsplein. Uit Amsterdam-Zuid herinnert Theo zich de dure aankleding van de huizen, de hoge plafonds en donkere inrichting. Die eerste beelden lijken het begin te zijn van een levenslange occupatie met interieurs en in het bijzonder lampen.

Als jongeman ging hij naar de kunstnijverheidsschool, nu Rietveld academie. Hij studeerde er gebonden grafiek. Sindsdien schildert en tekent hij en creëert hij lampen en kijkkastjes. Op zijn 27e, kwam hij na wat omzwervingen in de Gerard Doubuurt wonen en ging er niet meer weg. Hij zegt over die jaren nadat hij als 20-jarige na zijn studie eerst voor een reclamebureau had gewerkt: “Wij kunstenaars zijn toen verwend met regelingen als de BKR en de opvolger WIK. Die financiële erkenning door de overheid missen jonge mensen tegenwoordig.”

Een woning met een lage huur paste goed bij dat weliswaar erkende maar financieel bescheiden bestaan. Alhoewel: Theo gaat jaarlijks naar New York en doet daar de nodige inspiratie op.

Van auto naar fiets
In De Pijp voelde hij zich in 1972 direct thuis. Bomen waren er niet en alles had een grijze kleur, maar toch leefde de buurt op een gemoedelijke manier. Er waren nogal wat Jordanese gewoonten: “Hier was het heel gewoon dat de buurvrouw links op een kussen uit het raam hing om te kletsen met de buurvrouw aan de andere kant: kletsen en luchten tegelijkertijd. Op een dag ontstond er een geweldige ruzie op straat tussen twee automobilisten. De buurman van driehoog had er genoeg van en gooide een volle vuilniszak op een van de auto’s. Die zak scheurde natuurlijk. Maar de ruziezoekers hielden hun mond en bliezen de aftocht.”

Theo houdt niet van valse nostalgie, maar gevraagd naar de verschillen tussen toen en nu: “Indertijd was de auto het grote probleem in de buurt. Ik weet niet meer of het hier tweerichtingsverkeer was, maar de auto was overal. Dat is op de een of andere manier verminderd, maar nu hebben we dus de fiets als grootste vervuiler van stadsgezicht en stadsruimte. De buurvrouwen van indertijd zijn er niet meer, en de buurvrouwen die er voor terug zijn gekomen zijn anders, vaker hoogopgeleid, vaker koper in plaats van huurder, al dan niet een yup. Ook de markt is veranderd, divers geworden op een andere manier. Waar eens de aardappelboeren stonden, staan nu de kraampjes met Italiaanse kruiden of Aziatische specerijen. Wij kenden indertijd alleen het Chinese restaurantje van tante Mia op de Gelderse kade.”

Arm is rijk geworden
De verandering die Theo Jeuken schetst is relatief, maar de grondtoon is wel dat arm in de buurt rijk is geworden: veel bewoners verdienen nu waarschijnlijk boven gemiddeld. Theo: ”Al kan ik het goed vinden met mijn buren – dat is niet veranderd – kom ik toch teveel mensen uit mijn straat tegen, die gevangen lijken door hun telefoonschermpje. Mij kennen ze niet. En dat gaat dus ook niet meer gebeuren. Ook de hoeveelheid afval is toegenomen, maar tevens de kwaliteit ervan. Zwerfafval en gedumpte spullen hebben soms een bijzondere potentie. Ik maak er bijvoorbeeld lampen van. De gewoonte om je stoep te vegen en het stukje straat voor je deur schoon te houden, bestaat helaas niet meer. “Dat heeft allemaal toch iets van onbetrokkenheid.”

Voorlopige herinrichting Gerard Doubuurt: Tuintjes op parkeerplaatsen

Datum: 22 augustus 2022 / Editie: Augustus 2022 / Auteur(s): Marianne Grunell Rob Godfried

Parkeerplaatsen opheffen voor plantsoentjes. Is dat nieuws? Ja, dat is nieuws. Wel voor de Gerard Doubuurt. De parkeerplaatsen werden tuintjes in het kader van het autoluw maken en vergroenen van een van de drukste buurtjes in De Pijp.

De Gemeente nodigde de buurt uit om voorstellen in te dienen en een ervan was het aanleggen van een aantal stadstuintjes in plaats van parkeerplekken bij de huizen van bewoners met groene vingers. Het resultaat: grote ‘groenstroken’.

Dagjesmensen
Om te mogen bepalen wat voor groen er zou komen moest de buurt, de buurtvereniging, wel tekenen voor het onderhoud. Een manier om bewoners te betrekken en medeverantwoordelijk te maken. Bewoners en ondernemers zijn natuurlijk niet allemaal eensgezind, maar een algemene wens is dat vooral het parkeren door niet-bewoners in de buurt wordt tegengegaan. Dagjesmensen kunnen terecht in de Heinekengarage of de Albert Cuypgarage onder de Boerenwetering. Bewoners met een vergunning krijgen hopelijk straks een vaste parkeerplaats.

De vereniging pleit ook voor voldoende laad- en losplaatsen voor ondernemers. Daarbij gaat het immers niet om auto’s die de hele dag blijven staan.

Donkere plek met veel beeldschermen
De Gerard Doubuurt is met een kleine 2.000 bewoners een van de drukste buurten in De Pijp, compact en divers. Er zijn nog halve woningen en naast plakkers, ‘de vaste kern’, wonen er yuppen en expats, meestal tijdelijk. Uit de vaste kern, de meer betrokken buurtbewoners, komen de leden van de buurtvereniging. De Vereniging is nu een aanspreekpunt van de gemeente voor het definitieve Herinrichtingsplan, dat nog in de maak is. Inspreken gebeurde voorheen niet altijd succesvol. Zo kon de zogenaamde co-creatieplek in De Punt niet worden behouden. Op initiatief van de bewoners werd De Punt een open ruimte voor diverse activiteiten, waar van alles kon en gebeurde op ‘ongewone’ tijden, met buurtbewoners als sleutelhouders. Daarmee kwam een heel gemengde populatie binnen.

Dat was niet eerder gebeurd en het sloot goed aan bij het gemeentelijk beleid voor meer inclusiviteit. Helaas gunde de gemeente Puur Zuid de ruimte voor het opzetten van een ‘buurtteam’. Van lichte, open ruimte, ingericht voor en door de buurt, waar de deur letterlijk van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat open stond voor iedereen en waar uiteenlopende bewoners elkaar hielpen en steunden in de uitdagingen van het leven, is De Punt nu veranderd in een donkere plek, met veel beeldschermen en professionals, bedoeld voor ‘kwetsbare mensen’. Buiten staat een ‘welkombord’ dat om 17:00 uur wordt weggehaald. Dan sluit de tent.

Weesfietsen
Drukte en overlast overlappen elkaar in de Gerard Doubuurt. Eduard Dirkzwager en Alain-Celest de Buck, bestuursleden van de buurtvereniging, en Stefanie Jansen van het Wijkcentrum delen vrijelijk hun ergernissen en irritaties, waarvan hier een selectie.

Het lijkt erop dat de fiets de grootste ergernissen geeft, even afgezien van de geluidsoverlast van razende motoren en toeterende auto’s. De nonchalance van fietsers, die hun rijwiel overal neerzetten en soms gewoon niet meer ophalen, speelt hierin een belangrijke rol. De Gemeente zou kunnen helpen door ‘weesfietsen’ snel af te voeren, zoals dat ook in het centrum gebeurt. Zij zouden de pleinen graag vrij en onbezet zien. Zo worden het echte pleinen en komt er ook ruimte voor publieke bankjes, naast commerciële terrassen. Nu verdwijnen de pleintjes bijna door al dat ijzer dat er wordt geparkeerd.

Irritatie is er ook over het afval: uitpuilende vuilniszakken die naast de container worden achtergelaten, stapels karton, kliko’s van de horeca die op straat blijven staan en zwerfafval dat verspreid over de straten ligt. Onnavolgbaar dit gedrag. Werkgroep ‘De Schone Pijp’ doet goed werk door van tijd tot tijd met vrijwilligers een deel van de buurt op te ruimen, maar het blijft sisyphuswerk. De gemeente zou containers en prullenbakken vaker moeten legen en erop toezien dat ondernemers hun afvalbak binnen zetten.


Een paar data Gerard Doubuurt (gegevens 2021):
1910 inwoners
71% éénpersoonshuishoudens
12% gehuwd
50 kinderen 0 -15 jaar
50% oorspronkelijk Nederlands
50% anders
Bevolkingsdichtheid: 19.298 per km
2
(Amsterdam gemiddeld: 5.277)
38% corporatiewoningen
gemiddeld bruto inkomen: €36.400
53,6% hoog opgeleid
425 bedrijven
grootste partij: D66

Bron: allecijfers.nl/buurt/gerarddoubuurt-amsterdam/
Website buurtvereniging: gerarddoubuurt.nl