Kandidaten stellen zich voor

Datum: 1 februari 2018 / Editie: Februari 2018 / Auteur(s): Jeroen Overweel Willem De Blaauw

De Pijp Krant sprak met drie buurtbewoners die zich kandidaat hebben gesteld voor de stadsdeelcommissie. Zij hebben gereageerd op een oproep van de krant en zijn niet verbonden aan een politieke partij.

Lijst Berlage – Ives van Leth

Van Leth (42) wil zich vooral inzetten voor de schoonheid van de openbare ruimte. Hij woont zelf in de Rivierenbuurt en geniet van de monumentaliteit van het Plan Zuid, dat is ontstaan op basis van ideeën van de architect Berlage. ‘In oktober vorig jaar is het Plan Zuid tot beschermd stadsgezicht verklaard. Dat betekent voor mij dat de inrichting van de straat in overeenstemming moet zijn met de bebouwing.’ Berlage is ook wat De Pijp en de Rivierenbuurt verbindt. Van Leth heeft nog een idee om de twee wijken te verbinden: ‘De Rode Loper moet helemaal doorgetrokken worden tot aan de RAI, maar ter hoogte an het Plan Zuid moet wel het beton uit de straat. Daarvoor in de plaats moet baksteen komen’.
Specifiek voor de Pijp heeft Van Leth een vergelijkbaar plan. De Rode Loper zou een rondje moeten maken door de Ceintuurbaan, Van Wou en Albert Cuyp.

‘Wat ook bijdraagt aan het gezicht van ons gebied, is meer aandacht voor het schoonhouden van de straat: ondergrondse afvalcontainers, goed in de gaten houden dat ze naar behoren functioneren en meer maatwerk, zodat het project De Schone Pijp werkt’.
Minder blik op straat helpt ook om de buurt mooier te maken. Van Leth is groot voorstander van ondergrondse parkeergarages, met dien verstande dat evenzovele parkeerplaatsen bovengronds opgeheven worden.

Van Leth is dus duidelijk een stadsestheet. Maar ook de snelle sociale verandering van de Pijp heeft zijn volle aandacht. Hij is bang dat de bevolkingssamenstelling te eenzijdig gaat bestaan uit mensen die de hoge huren uit de vrije sector kunnen betalen. En dat De Pijp het centrum achterna dreigt te gaan met horeca en winkelaanbod dat vooral is gericht op het toerisme. Hij vindt het belangrijk dat de bevolking divers blijft. Dat kan door een voldoende groot percentage sociale huurwoningen te handhaven in de wijk. Om een bijpassend winkelaanbod te behouden, zou je kunnen overwegen om het voorbeeld van Barcelona te volgen. ‘Ze zijn daar begonnen om bepaalde midden- en kleinbedrijven huurbescherming te geven’.

Jeroen Overweel

Zuid Samen Vooruit – Bilan Dahir en Martijn van Muiswinkel

Het echtpaar Bilan Dahir en Martijn van Muiswinkel, beiden 41 jaar, vormen samen ‘Zuid Samen Vooruit’; zij wonen 19 jaar in de Rivierenbuurt. ‘Het gaat niet over rechts of links, maar over een manier om onze buurt beter te maken’.

Zuid Samen Vooruit heeft een aantal concrete speerpunten. Een daarvan omschrijven ze als ‘Schoon moet gewoon’. ‘Het afvalprobleem speelt al jaren. Waarom lukt het niet om het huisvuil beter op te halen? Huisvuilcontainers hebben een sensor die aangeeft dat de container vol is, maar de reinigingsdienst krijgt daar geen melding van. Ondertussen stapelen de zakken zich er omheen op, totdat de container op de vaste dag geleegd wordt. Bewoners hebben ook hun eigen verantwoordelijkheid om een andere container te zoeken en wij willen dat zij daar proactief op worden aangesproken.’

Ook staan op hun agenda ‘verkeersveiligheid’ en ‘het tegengaan van criminaliteit’. ‘De statistieken voor de buurt zijn oké, maar het kan altijd beter. Op het gebied van veiligheid is vooral de lange Van Woustraat een probleem. Ook voor automobilisten, want het is vaak moeilijk om te zien of iemand wil oversteken. Dit levert veel gevaarlijke situaties op’. Wat betreft de criminaliteit willen we dat er meer cameratoezicht komt. ‘Bepaalde straten in de Pijp en Rivierenbuurt zijn minder prettig en het is bewezen dat cameratoezicht een positief effect heeft. Er hangen nu bijvoorbeeld ook camera’s op de hoek Van Woustraat en Lutmastraat. Natuurlijk moet je wel discussiëren over hoe ver je hiermee wilt gaan. En dan zijn er nog de vage winkels die altijd dicht zijn of waar bijna nooit iemand komt. Behalve dat dit geen goede uitstraling is voor een straat, vragen wij ons af wat daar nou gebeurt. Dat zou onderzocht moeten worden.’

Tot slot is er de verschraling van het openbaar vervoer, zoals de opgeheven tramhalte op de Ceintuurbaan bij de Amsteldijk en de opheffing van lijn 25, waardoor het laatste stuk van de Rijnstraat geen openbaar vervoer meer heeft. De Noord-Zuidlijn is mooi, maar door opheffing van tramhaltes moeten bewoners veel meer lopen. Wij hebben het idee dat het openbaar vervoer in Amsterdam zich te veel gaat richten op toeristen en winkelend publiek, waardoor bewoners, met name kinderen en ouderen, in de steek worden gelaten.

Willem de Blaauw

G250-WONEN – Cok Oostveen

Cok Oostveen (73) is sinds 1971 een actieve Pijpbewoner. Hij was bijvoorbeeld een actief deelnemer aan de demonstraties voor een autovrije Ferdinand Bol in de jaren ‘70. Bij de feestelijke opening van de Ferdinand Bol op 20 januari jl. waren zijn foto’s uit die tijd te zien. Nog steeds is de verkeersveiligheid van fietsers en voetgangers belangrijk voor hem.

Maar Coks passie betreft vooral de sociale huur. Dat, en sportstimulering, zijn voor hem de belangrijkste redenen om mee te doen met deze verkiezingen. Als huurdersactivist wil hij zich binnen de stadsdeelcommissie inzetten voor de belangen van de sociale huurders. Volgens Cok ligt de behoefte aan sociale huur in de stad op 50% van alle woningen, terwijl de meeste politieke partijen op een veel lager percentage zitten. Het probleem is de scherpe tweedeling in sociale en liberale huur. De geliberaliseerde huurprijzen schieten de lucht in, waardoor een grote groep huurders die niet in aanmerking komt voor sociale huur tussen wal en schip geraakt. Cok pleit daarom voor het laten doorlopen van het puntensysteem: als de geliberaliseerde huurwoningen hier onder vallen, zou dat de huurprijzen in toom houden.

Op de vraag wat hij vindt van het nieuwe Amsterdamse bestuursstelsel waar hij nu deel van hoopt uit te gaan maken, antwoordt Cok dat hij wel begrijpt dat het oude stelsel niet werkte. Er was teveel verlammende competentiestrijd tussen stadsdeel en centrale stad. Denkt hij veel invloed uit te kunnen oefenen via zo’n ambtelijke stadsdeelcommissie? ‘Ik ben geboren als luis, en hou van pelzen’, zegt Cok daarop. Het activistisch bloed blijft stromen en hij hoopt met de stadsdeelcommissie samen op te kunnen trekken tegenover B&W van Amsterdam als dat nodig is. Cok was onder meer betrokken bij de bijeenkomst van ‘Huurders in de Knel’ en kent de samenwerking met het stadsdeel door zijn deelname aan de ‘G250’.
Dat is een regelmatige bijeenkomst waar bewoners, ondernemers, politici en ambtenaren met elkaar spreken over stadsdeelbeleid en uitvoering in De Pijp. Veel mensen kennen Cok daarvan, vandaar dat de G250 in zijn lijstnaam staat.

En die sportstimulering? Moeten we met zijn allen meer gaan bewegen in De Pijp? ‘Dat is altijd goed natuurlijk. Ik heb lang gewerkt in de sport en weet er dus veel van. Ik kan over dat onderwerp goed advies geven aan het stadsdeel’. Cok voegt al jaren de daad bij het woord met de organisatie van zijn twee fietsgroepen die elke vrijdagochtend (55+, om 10.30 uur) en zondag (11.00 uur) vertrekken van de voetbalkooi in de Tweede van der Helststraat.

Jeroen Overweel

‘Mooi, maar in de buurt wordt het al de Vreetloper genoemd’

Datum: 1 oktober 2017 / Editie: October 2017 / Auteur(s): Willem De Blaauw

Lezersreacties op de vernieuwde Ferdinand Bolstraat

In de vorige editie van De Pijp Krant stond een oproep waarin buurtbewoners en ondernemers werd gevraagd naar hun mening over de vernieuwde Ferdinand Bolstraat. Afgaand op de reacties houdt dit gedeelte van de Rode Loper de gemoederen flink bezig.

Zo schrijft Dioni Klute dat de straat er na al die jaren van schuttingen mooi uitziet maar dat het er ook erg druk is en de trambaan eigenlijk in de hele Ferdinand Bolstraat enkelspoor zou moeten zijn. Daarnaast zijn de opritjes waarover je de zijstraten van de Ferdinand Bolstraat in fietst te smal en te steil. En waarom hebben ze niet wat meer bomen geplant?

G. de Wit is helemaal niet blij met de nieuwe Ferdinand Bolstraat. Deze bewoner vindt bijvoorbeeld de opheffing van de tramhalte bij de Albert Cuypstraat erg vervelend en geen verbetering. Het was altijd een drukke halte, met veel in- enuitstappers. Nu moeten passagiers naar de hoek van de Ceintuurbaan lopen of naar het Marie Heinekenplein. Ook het enkelspoor in de straat kan op weinig bijval rekenen, omdat trams uit tegengestelde richting op elkaar moeten wachten.

Ingmar Waijenberg is wel enthousiast. “Als bewoner vind ik de Rode Loper echt fantastisch, eindelijk is het weer een mooi winkelgebied. Je kunt er rustig lopen zonder over de fietsen, scooters of Canta’s te struikelen. Ik ben erg gelukkig met de opzet en rust die het geeft. Ik hoop dat het de ondernemers die hier zo lang veel last van hebben gehad ook goed doet. Wat ik erg jammer vind, is de uitwerking van de autovrije zone. De bewegwijzering en stoplichten zijn niet erg duidelijk. Als ik er zelf niet zou wonen, zou ik het niet begrijpen.”

Ook A. Söentken vindt de Ferdinand Bolstraat prachtig opgeknapt en nu echt een waardig onderdeel van de Rode Loper. “De inrichting is simpel en dat maakt het ruimtelijk. Geen woud van palen met verkeersaanduidingen maar simpele symbooltegels en geen fietsenrekken meer, gelukkig. Het zitmeubilair op het Picoplein is smaakvol en aantrekkelijk. De grijze prullenbakken zijn absoluut een stuk mooier dan hun groene voorgangers. De kruisende zijstraten zijn afgesloten voor auto’s met mooie RVS-palen. Strak en simpel, echt heel mooi.” A. vindt het alleen jammer dat bewoners en bezoekers zo achteloos omgaan met deze zo gewenste vernieuwing. “De ondergrondse afvalcontainers worden niet naar behoren gebruikt, nog steeds kartonnen dozen naast de glascontainer. Ik zie met lede ogen hoe een ondernemer aan het eind van de zaterdag zijn vuilniszak in een zijstraat bij een boom gooit. Dat ding ligt er dan te rotten tot maandag. Het RVS-paaltje in mijn straat heeft er op de kop af drie weken gestaan, voordat het kapot gereden werd.”

“De ingetekende laad- en losplaatsen worden bezet door reclameborden van ondernemers. Die borden mogen sowieso niet worden neergezet, laat staan op laad- en losplaatsen. Laden en lossen gebeurt nu, net als vroeger, overal en nergens. Fietsen, scooters en motoren staan lukraak en overal gestald, behalve in de daarvoor bedoelde vakken. Talloze banken en krukjes van horeca, die bewust uit de inrichting werden geweerd, duiken nu overal weer op. Zo is de straat nog steeds niet goed begaanbaar voor mindervaliden, scootmobielen en kinderwagens.” Wellicht ligt het aan de invulling van de winkelpanden: het uitrollen van de Rode Loper ging gepaard met een horeca-tsunami. Het publiek komt er om te eten en te drinken en vergeet de normale omgangsregels in dit gedeelte van de Rode Loper. In de buurt wordt het al de ‘Vreetloper’ genoemd.

Söentkens conclusie: mooie en goed gelukte herinrichting, nu snel beginnen aan de heropvoeding van de gebruikers om de straat ook mooi te houden!

Toekomst Natuur&Milieuteam aan zijden draadje

Datum: 1 oktober 2016 / Editie: October 2016 / Auteur(s): Willem De Blaauw

Een bezuiniging van 14 miljoen. Dit is wat de Centrale Stad de stadsdelen in Amsterdam heeft opgelegd. Voor Stadsdeel Zuid betekent dit een bezuiniging van 2,3 miljoen. Minder geld voor onderhoud en handhaving, minder afvalbakken en minder controle op woonfraude en geluidsoverlast. Ook is er minder geld voor zaken als het wegknippen van fietsen, trainingen voor ouderen, cameratoezicht en reintegratietrajecten. Vooral het Natuur&Milieuteam Zuid wordt hard getroffen met een bezuiniging van 250.000 euro. Wat betekent dit voor het NMT en uiteindelijk ook voor werkgever Wijkcentrum De Pijp?

Tjerk Dalhuisen, lid van het dagelijks bestuur van het Wijkcentrum De Pijp: “Het NMT bestaat al twintig jaar en heeft in die tijd talloze projecten zowel in De Pijp als in heel Zuid ondersteund en gerealiseerd. Bijvoorbeeld geveltuinen, de watertuinen in de Boerenwetering naast het Rijksmuseum, de Koeienweide in het Vondelpark, ondersteuning van het GroenGemaal in het Sarphatipark en talloze andere buurtprojecten, zoals de jaarlijkse Natuur- en Milieumarkt in het Sarphatipark.

‘Erg jammer als dit netwerk van kennis en 2500 buurtbewoners verloren zou gaan.‘

Vrijwilligers willen graag de handen uit de mouwen steken, maar hebben geen zin in alle bureaucratische rompslomp. De voorgestelde bezuiniging raakt duizenden bewoners en honderden bewonersinitiatieven.” Om een indruk te krijgen: het NMT ondersteunt jaarlijks 65 bewonersinitiatieven, waarbij zo’n 650 bewoners actief zijn en heeft een netwerk van 215 samenwerkingspartners en organisaties.

Negatieve impact
Anna Galenkamp werkt sinds mei 2015 bij het NMT Zuid: “Het NMT Zuid wordt gevormd door vijf mensen en omvat het hele stadsdeel Zuid. Ik ben adviseur voor De Pijp. Het NMT ondersteunt en faciliteert niet alleen talloze werkgroepen en bewonersinitiatieven, het geeft ook informatie over bijvoorbeeld energiebesparing en zaken als hoe te handelen bij voorgenomen boomkap.

Als NMT zorgen wij er o.a. voor dat mensen kunnen samenwerken, we zorgen voor continuïteit, we werven nieuwe vrijwilligers, et cetera. Het zou erg jammer zijn als dit grote groene netwerk van kennis en ruim 2500 buurtbewoners verloren gaat. Dit zou een heel negatieve impact hebben op het groen en de duurzaamheid in de buurt en de participatie van bewoners. Helemaal omdat het groener maken van de stad een van de ambities is van Amsterdam. Ik hoop dan ook werkelijk dat wij tijdens de commissievergadering van de gemeenteraad, tevens inspreekavond op 12 oktober de politici hebben kunnen overtuigen van ons bestaansrecht.”

Verstrekkende gevolgen
De voorgestelde bezuiniging van 250.000 euro op het NMT heeft ook verstrekkende gevolgen voor het Wijkcentrum De Pijp. Germaine Princen, Algemeen Coördinator, legt dit uit: “De Gemeente Amsterdam heeft nu besloten dat die 14 miljoen in twee delen wordt gekort: 7 miljoen in 2017 en 7 miljoen in 2018. Dit naar aanleiding van het amok dat is ontstaan in de hele stad. De stadsdelen willen vooral aan de onderkant van de samenleving snijden, daar waar bewoners elkaar ontmoeten en met elkaar de stad beter maken. Maar twee maal 7 miljoen is nog steeds 14 miljoen en het NMT wordt nog steeds even hard getroffen.”

Financiële ramp
Kortom, met de op handen zijnde bezuiniging van 250.000 euro op het NMT wordt het financiële probleem van het Wijkcentrum alleen maar groter. Je kunt stellen dat als die bezuiniging doorgaat, er zeker geen geld meer is om het Wijkcentrum draaiend te houden.”

Alleen nog maar vrijwillgers?
“Van het kleine beetje subsidie dat we dan nog krijgen voor Welzijn kun je misschien een medewerker laten werken in deeltijd, en misschien kun je nog een afgeslankte De Pijp Krant maken. Maar het overkoepelende: de kennis, het netwerk, waarbij we met betaalde krachten werken, houd je niet overeind. Ik denk dat heel veel mensen zich dit niet realiseren, maar het gaat natuurlijk in eerste instantie over het NMT.”

Groen agenda
Inmiddels is er door Stadsdeel Zuid nog eens naar de lijst met alle bezuinigingen gekeken en zijn er wat zaken veranderd, maar het bedrag dat bezuinigd wordt op NMT is hetzelfde gebleven.

Princen: “We hopen dat voor de Gemeente Amsterdam het creëren van een groenere en leefbare stad in samenwerking met bewoners en ondernemers, reden is om niet op het NMT te bezuinigen Immers, als je het NMT opheft, gaat de gemeente Amsterdam precies tegen de eigen doelstellingen van participatie en de Agenda Groen in.”

Ondernemers en bewoners slaan handen ineen voor een schone Noord-Pijp(2)

Datum: 1 september 2016 / Editie: September 2016 / Auteur(s): Willem De Blaauw

Aan het woord: bewoonster Gertrude van der Ven, tevens deelnemer aan het actieplan ‘De Schone Pijp’.

“Ondernemers en bewoners zijn inmiddels twee keer bij elkaar geweest in Wijkcentrum De Pijp waar ook ambtenaren van Stadsdeel Zuid aanwezig waren om over het afvalprobleem in onze wijk te praten. Het is echt uniek dat ondernemers, bewoners, Stadsdeel Zuid en het Wijkcentrum De Pijp als coördinator, op deze manier samenwerken. We moeten met z’n allen aan de slag om een schone Pijp te creëren. De bal ligt niet alleen bij Stadsdeel Zuid om met een budget te komen, wij – als bewoners en ondernemers – moeten ook energie steken in een schonere leef- en woonomgeving.

“Dit heeft geleid tot een actieplan, vol met voorstellen, ideeën over samenwerken en budgetvoorstellen. We willen het actieplan eind augustus indienen bij wethouder Choho en dan zou het per 1 oktober in werking moeten treden. Het plan wordt nu uitgeschreven, dus kan ik nog niet met specifieke voorbeelden komen. Maar we hebben het bijvoorbeeld gehad over het plaatsen van borden waarop duidelijk staat op welke dagen en tijden afval mag worden aangeboden.

‘We moeten met z’n allen aan de slag om een schone Pijp te creëren’

Op die borden zou dan ook de hoogte van een boete kunnen staan. En uiteraard in het Nederlands en Engels, want er wonen hier veel expats en er zijn ook veel Airbnb-gasten. Ook moet er veel beter en strenger gehandhaafd worden. Je zou flex-teams kunnen inzetten die zeven dagen in de week De Pijp schoon gaan houden. We moeten echt toe naar een centrumbeleid wat betreft het ophalen van afval. Door de Rode Loper is De Pijp nu onderdeel geworden van het centrum, maar het afvalbeleid sluit hier niet op aan.”

Daarnaast willen we extra voorlichting geven om een gedragsverandering bij bewoners te bewerkstelligen. Ook zou het fijn zijn als bewoners elkaar aanspreken op hun gedrag. We hebben gemerkt dat veel mensen dit moeilijk vinden, omdat ze meteen een grote bek terug krijgen. Daar willen we verandering in brengen. Als er borden staan met duidelijke regels, is het voor bewoners ook veel makkelijker om andere bewoners aan te spreken als ze hun afval buiten de ophaaltijden aan de straat zetten. De ondernemers rond de Eerste Van der Helststraat hebben een groeps WhatsApp en zij spreken elkaar nu aan als een ondernemer bedrijfsafval verkeerd aanbiedt. Dat geeft echt resultaat want het is er een stuk schoner.”

ZWERFVUIL, ROTZOOI EN TROEP: HET GESPREK VAN DE DAG IN DE PIJP

Datum: 1 juli 2016 / Editie: July 2016 / Auteur(s): Willem De Blaauw

Boudewien van Heek heeft een winkel bij het Sarpathipark en woont daar ook. Zij ergert zich al een tijd aan de troep in de straten van de Noord-Pijp. En zij niet alleen.

“Laatst had ik klanten in de winkel die zich enorm verbaasden over de bergen afval en vuilnis. Ze waren een weekend in Amsterdam en wisten niet wat zij zagen. “Wat is hier aan de hand”, vroegen ze mij. ‘Dit hebben wij nog nooit meegemaakt.”

CONTINUE VUILE STRATEN
“Eigenlijk ligt er continue vuil op straat”, vervolgt Boudewien. “Niet alleen vuilniszakken, al dan niet opengemaakt, maar ook pallets, matrassen, zwerfvuil en andere troep. Iedereen in de buurt praat erover. Zodra ik de deur uitga en met buurtbewoners of andere winkeleigenaren spreek, is dit meestal het eerste waarover we het hebben.”

NIET BEZUINIGEN OP SCHOONHOUDEN
“Wat ik, als ondernemer en bewoner van De Pijp als oplossing zie? Eigenlijk zou er elke dag huisvuil moeten worden opgehaald, zoals ze dat in steden als Madrid doen. De Pijp is eigenlijk onderdeel van het centrum geworden en op het schoonhouden van straten zou niet bezuinigd moeten worden. Punt uit. Er wordt geld vrijgemaakt voor subsidie voor geveltuinen en groene daken. Dat is belangrijk, maar ik denk dat het schoonhouden van de buurt meer prioriteit heeft. Onlangs zat ik op een terras in De Pijp en raakte in gesprek met een vuilnisman die in De Pijp werkt. Hij vertelde mij dat zijn team gehalveerd was en dat er zo veel vuil is, dat ze dit gewoon niet aankunnen.”

ROL VOOR ONDERNEMERS GERARD DOUPLEIN
“Ik zie soms ratten in het Sarphatipark rond de vuilnisbakken. In het park worden de vuilnisbakken wel geleegd, maar het vuil erom heen wordt niet weggehaald. Ook moet er beter gehandhaafd worden, dat wil zeggen boetes worden gegeven. Voorlichting zou natuurlijk ook helpen. Zo denk ik dat toeristen die in De Pijp een huis via Airbnb huren, niet altijd weten waar en wanneer zij hun afval buiten moeten zetten. Maar het is ook gemakzucht van de bewoners. Als zij hun vuilniszak maar kwijt zijn.”

Als laatste denkt Boudewien dat er ook een rol is weggelegd voor de ondernemers van café’s en restaurants rondom het Gerard Douplein. “Die zouden toch samen kunnen werken om het plein en de straten eromheen schoon te houden? Het is toch ook in hun eigen belang dat de straat voor hun café of restaurant schoon is?”

Minstens 8000 extra fietsparkeerplekken nodig in De Pijp

Datum: 1 februari 2015 / Editie: Februari 2015 / Auteur(s): Willem De Blaauw

Wat bewoners en bezoekers van De Pijp al jaren met lede ogen aanschouwen, staat nu eindelijk op papier. Volgens een in september vorig jaar uitgevoerde fietsentelling, door Goudappel Coffeng, een bedrijf dat zich bezighoudt met onderzoek naar bereikbaarheid, leefbaarheid, verkeersveiligheid en economische vitaliteit, zijn er in De Pijp 16.000 parkeerplekken voor fietsen nodig. Er is op dit moment slechts plek voor 8000 fietsen. Het aantal fietsparkeerplekken zou dus verdubbeld moeten worden. Meer dan verdubbeld eigenlijk, want hierbij zijn niet de geschatte 1400 extra plekken geteld die hard nodig zijn zodra de metrostations opengaan. Simon Verhallen van Platform Bewoners van De Pijp reageert op de uitkomst.

“We zijn blij met de uitkomsten van dit onderzoek”, zegt hij. “Het bevestigt met cijfers wat iedereen natuurlijk al lang met eigen ogen kon zien. Nu kunnen we bestuurders verwijzen naar dit onderzoek zonder dat ze langs hoeven komen”.

De telling van fietsen heeft op zes verschillende tijdstippen plaatsgevonden, zowel op doordeweekse dagen (overdag, ’s avonds. ’s nachts) als op zaterdagavond.

Het gebied waarin geteld is bestaat uit de Noord-Pijp en een gedeelte van de Zuid- Pijp en behelst het gebied tussen Stadhouderskade, Amstel, Hobbemakade, Sarphatipark en Cornelis Troostplein.

Voetgangers in de knel
Simon Verhallen: “Volgens het onderzoek zou het aantal fietsparkeerplekken op straat verdubbeld moeten worden om in de behoefte te voorzien. Stel je eens voor dat er werkelijk zoveel fietsparkeervoorzieningen op het maaiveld moeten bijkomen. Dat kan natuurlijk nooit, dan staan bijna alle stoepen in De Pijp vol.

Voor wie zich een beeld wil vormen: ga eens naar het Marie Heinekenplein. Daar staan nu rekken voor ruim 100 fietsen en brommers. Daar moeten volgens de plannen van de Rode Loper 450 fietsparkeerplekken komen. Dat betekent 3.5 keer meer fietsrekken erbij. Bewoners zijn nu in overleg met de gemeente over de kleur van de tegels maar dat is zinloos, straks kun je geen tegel meer zien. Bovendien worden voetgangers in winkelgebieden en op drukke uren gedwongen over straat te lopen omdat geparkeerde fietsen de stoep blokkeren. Daar wordt nooit over gerapporteerd. Pleinen als het Gerard Douplein, het ‘Picoplein’ en de kop van de Sweelinckstraat staan zo vol met fietsen, dat je ze geen pleintjes meer kan noemen”.

Horeca en fietsenoverlast
Volgens het Platform Bewoners van de Pijp zou er ook apart beleid moeten komen voor het grote aantal fietsen dat bezoekers van winkels en horecagelegenheden moeten stallen. Simon Verhallen: “We zien dat er steeds meer horecagelegenheden geopend worden. Er wordt wel bijna wekelijks een vergunning verleend. Niemand die nadenkt over het feit dat er dan elke dag tientallen bezoekers van buiten de wijk komen die daar voor de deur hun fiets willen neerzetten. Het stadsdeel zal met de ondernemers moeten gaan praten om samen een oplossing te bedenken. Het kan toch niet zo zijn dat de bewoners als enigen de lasten moeten dragen van deze buurtgastvrijheid, die uitsluitend de ondernemers financieel voordeel oplevert”.

Fietsenrekken op parkeerplaatsen
Het Platform denkt ook aan andere maatregelen. Bijvoorbeeld autoparkeerplekken inrichten als fietsparkeerplek. Dit is al eerder gedaan, tegenover MacDonald’s en Halfords in de Albert Cuypstraat. Ook denkt het Platform dat er nog veel te winnen is als er andere soorten fietsenrekken komen. “Fietsenrekken zijn niet berekend op kratfietsen en fietsen met breed stuur. In een buurt waar heel veel kratfietsen en bakfietsen gebruikt worden, moeten die altijd buiten de rekken geplaatst worden. Fietsenrekken zouden moeten worden aangepast aan de nieuwe fietssoorten”, aldus Simon Verhallen.

Inpandige stallingen
Dan is er nog de kwestie van inpandige buurtstallingen die nodig zijn bij de metro- ingangen van de N-Z lijn. Simon Verhallen: “Het stadsdeel zoekt al jaren naar inpandige voorzieningen in de buurt van de beide metrostations Ferdinand Bolstraat in het kader van de voorbereiding op de Rode Loper. Die vinden ze nog steeds niet. Het gaat om 1400 plaatsen die nodig zijn als de metrostations open gaan.”

Een klein lichtpuntje is dat in vergelijking met zeven jaar geleden het aandeel wrakken en onbruikbare fietsen sterk is gedaald. Simon Verhallen: “Niettemin staant er volgens de telling toch nog bijna 10% wrakken en onbruikbare fietsen op straat en in rekken. Het stickeren en handhaven moet dus echt geïntensiveerd worden”.

Beter en geregeld overleg nodig
Hoe nu verder? Het Platform vindt dat er beter en regelmatig overleg met buurtbewoners over dit onderwerp moet komen. Ambtenaren van verschillende afdelingen, zoals handhaving en vergunningen, moeten samen het beleid afstemmen. Simon Verhallen: “Het Platform Bewoners van de Pijp wil met de gemeente praten over betere handhaving en stickeren, meer fietsparkeervoorzieningen, subsidie voor bestaande inpandige stallingen en de bouw van fietsparkeerkelders”.

Bewoners rond Albert Cuypmarkt: laat je stem horen!

Datum: 1 december 2014 / Editie: December 2014 / Auteur(s): Willem De Blaauw

Een groep actieve bewoners van de Albert Cuypstraat, die vindt dat Stadsdeel Zuid wel rekening houdt met de marktbelangen maar niet met die van de bewoners, heeft zich verenigd in de vereniging Bewoners Albert Cuypstraat.

Meer leden nodig
Jolande de Wit, namens de groep: “Wij wonen in en rondom de Albert Cuypmarkt en willen graag meedenken over de toekomst van de markt. Ook hebben wij diverse klachten over de huidige stand van zaken. Wij willen graag een formele rol in commissies die over de Albert Cuyp beslissen. Eén daarvan is de Markt Advies Commissie (MAC). Daarnaast willen wij onze stem laten horen op commissie- en raadsvergaderingen.

Paul Slettenhaar, lid Dagelijks Bestuur van Stadsdeel Zuid, heeft ons toegezegd dat wij dit kunnen doen als wij voldoende draagvlak hebben. Daarom zijn wij op zoek naar meer leden”.

Een schonere en ruimere stoep
“Wij vinden bijvoorbeeld dat een rug-aan-rug opstelling van de markt, waarbij de kramen in het midden van de straat staan, een betere opstelling is”, zegt zij. “Op deze manier is er meer ruimte voor bewoners op de stoep en wordt de stoep schoner. Nu is de stoep vaak een afvalplek voor dozen en afval en is er geen doorkomen aan. Ook gaat de rug-aan-rug opstelling de fietsenchaos achter de kramen tegen. Verder denken wij dat, als de winkels zichtbaar zijn, er ook een gevarieerder aanbod aan winkels zal komen”.

Individuele klachten hebben weinig impact
“Veel bewoners hebben klachten of opmerkingen over de markt, maar weten niet waar zij terecht kunnen. Wij horen vaak dat bewoners die wel een klacht weten in te dienen, er vervolgens nooit meer iets van horen. Bijvoorbeeld over het opbouwen van de markt ’s ochtends vroeg om halfvijf, terwijl dit pas om halfzeven mag. Volgens een uitspraak van de Raad van State in juni 2013 ‘dienen kramenzetters de overlast voor de omwonenden te voorkomen en daartoe in elk geval het rollend materiaal van rubberen luchtbanden te voorzien’. Dit is niet het geval, met alle geluidsoverlast van dien. Individuele klachten hebben weinig impact, hopelijk kunnen wij als vereniging en gesprekspartner meer bereiken”.

Een leukere en aantrekkelijkere markt
“We willen niet alleen maar klachten inventariseren hoor, we willen actief meedenken om de markt nog leuker en aantrekkelijker te maken. Volgens ons is dat hard nodig. De meesten van ons wonen hier al twintig tot dertig jaar en zien hoe de sfeer achteruit gaat. Bewoners van de Albert Cuypstraat, maar zeker ook die uit de omliggende kleine straten, worden uitgenodigd om lid te worden van onze vereniging. Samen staan we sterker”.

Fietsenchaos in De Pijp

Datum: 1 november 2014 / Editie: NOVEMBER 2014 / Auteur(s): Willem De Blaauw

Een dagelijks terugkerend probleem van bewoners en bezoekers: waar laat je in hemelsnaam je fiets? Overal in De Pijp puilen rekken uit en zijn de speciale fietsvakken altijd vol. Het gevolg is een fietsenchaos met lukraak geparkeerde fietsen – en scooters – op de stoep. Deze chaos zal over drie jaar, als de Noord Zuid-lijn in gebruik wordt genomen alleen maar toenemen…

Simon Verhallen van Platform Buurtbewoners in De Pijp: “Er zijn nu al te weinig plekken om je fiets te stallen, laat staan als de metro in gebruik is. Er zullen nog meer bezoekers naar De Pijp komen, die hun fiets bij een van de twee metro-ingangen – Ferdinand Bolstraat en Ceintuurbaan – kwijt willen. Volgens de plannen van de Rode Loper komt er op het Marie Heinekenplein wel een fietsparkeervoorziening. terwijl het plein niet onder de Rode Loper valt. De fietsvoorziening is alleen maar om het plein netter te maken en niet om extra plekken te creëren. Men gaat er vanuit dat er in de zijstraten tussen de Stadhouderskade en Albert Cuypstraat voldoende plek is voor fietsen.”

Wie een rondje door dit stukje van De Pijp fietst, merkt al snel dat dit natuurlijk niet klopt. Of het nu overdag, ’s avonds of in het weekend is: fietsenrekken zijn vol en overal op de stoep staan fietsen en scooters. Simon Verhallen: “Ooit zou er onder het Marie Heinekenplein een fietsenkelder komen, maar die toezegging is nooit nagekomen. Wat de twee metro-ingangen betreft: er schijnt een inpandige fietsenstalling bij de Ceintuurbaan te komen, maar dat is natuurlijk nooit genoeg voor al die fietsen. Ook is men aan het kijken of er geen panden in de buurt van de Albert Cuyp kunnen worden gebruikt als fietsenstalling.” Maar dan praat je over allemaal kleine pandjes en wie weet die als bezoeker te vinden? Dat er voor de fietsen bij de Albert Cuyp/Ferdinand Bolstraat plek moet worden gevonden is wel duidelijk. Op het zogenaamde Picopleintje staan veel fietsen en in het vak voor de Etos kunnen op zaterdag ook veel fietsen worden gestald. Maar als de metro-ingang er eenmaal is, vervalt dit vak en ook op het Picopleintje is er dan minder plek voor fietsen.

“Eigenlijk zou er een ondergrondse fietsenstalling moeten komen tussen Ferdinand Bolstraat en 1e Van der Helststraat”, zegt Verhallen. “Kijk naar Station Zuid. Daar is een ondergrondse fietsenstalling gebouwd, er wordt streng gehandhaafd en mensen stallen hun fiets nu ondergronds.” Arie Roos van de Rode Loper laat weten: “In het conceptontwerp van de Rode Loper is wel ruimte gecreëerd voor fietsen in de openbare ruimte. Gewoon op straat dus. Maar dit zal bij lange na niet voldoende zijn. Inpandige fietsparkeerplekken vallen niet onder de Rode Loper, dat is een aparte opdracht en die ligt bij DIVV (Dienst Infrastructuur Verkeer en Vervoer).” Graag had De Pijp Krant de persvoorlichter van DIVV aan het woord gelaten over eventuele plannen met betrekking tot inpandige fietsenstallingen en waar die gerealiseerd zouden kunnen worden. Helaas was er niemand bij DIVV die, ook na herhaald bellen en mailen, ons te woord kon of wilde staan. Hopelijk lukt het om voor de volgende editie van De Pijp Krant alsnog iemand van DIVV te spreken te krijgen.

24uurs buurtlijn is er voor ouderen en kwetsbare bewoners in De Pijp

Datum: 1 september 2014 / Editie: September 2014 / Auteur(s): Willem De Blaauw

Ouder worden, maar ook het hebben van een psychische, sociale of fysieke beperking gaat vaak gepaard met het kleiner worden van iemands sociaal netwerk. Je kent steeds minder mensen en familieleden wonen niet altijd om de hoek.

Soms zit het leven even niet mee. Je bent bijvoorbeeld ziek, hebt een boodschap nodig en kunt hier echt niemand voor vinden. Of de rookmelder blijft maar piepen omdat de batterij vervangen moet worden en je kunt de ladder niet op. En wat als je in huis bent gevallen en hulp nodig hebt?

Gelukkig is er dan vanaf 15 september de 24uurs buurtlijn voor ouderen en kwetsbare bewoners in De Pijp en de Rivierenbuurt, die vragen of problemen hebben op het gebied van zorg en welzijn.

Voor hulp, informatie of doorverwijzing
Als u hulp nodig heeft kunt u bellen en dan zoekt de buurtlijn naar een oplossing. Als er niemand in uw omgeving is om te helpen, wordt er iemand uit de buurt gezocht die u wel kan helpen. U kunt ook naar de buurtlijn bellen als u behoefte heeft aan gezelschap en wilt weten welke activiteiten of clubjes er in uw omgeving zijn. Ook kan de buurtlijn u doorverwijzen naar een zorgorganisatie wanneer u plotseling hulp nodig heeft en de thuiszorg nog niet geregeld is. Maar ook is de buurtlijn er voor mantelzorgers die willen weten welke instanties verdere ondersteuning kunnen bieden.

Vrijwilligers en professionals staan voor u klaar
Deze nieuwe telefonische hulpdienst is een samenwerkingsverband tussen Combiwel, ROZA zorg en ATA alarmering. Het betreft hier een proef die bij succes wordt uitgebreid naar heel Zuid. De telefoon wordt aangenomen door speciaal daarvoor opgeleide vrijwilligers. Op de achtergrond zijn altijd professionals van de organisatie voor personenalarmering ATA aanwezig. Iedereen kan bellen, u hoeft geen lid te zijn van de buurtlijn en het is gratis. U betaalt alleen de normale gesprekskosten.

De 24uurs buurtlijn gaat per 15 september van start en is te bereiken op tel. 5933459.

Wilt u als vrijwilliger bij de 24uurs buurtlijn aan de slag?
Er worden nog vrijwilligers gezocht voor een ochtend-, middag- of avonddienst. Aanmelden kan bij Helga Spel op tel. 06 14591568 of via h.spel@combiwel.nl

Afhandeling klachten over horeca ondoorzichtig

Datum: 1 juli 2014 / Editie: July 2014 / Auteur(s): Willem De Blaauw

De enorme populariteit van de horeca in De Pijp blijft een aanhoudend punt van discussie. Bezoekers en uitbaters varen er wel bij maar bewoners hebben regelmatig overlast van alle druk bezochte bars, restaurants en lunchzaken.

Buurtbewoners klagen niet alleen over geluidsoverlast, maar ook over onbegaanbare trottoirs. Ze geven aan dat ze zigzaggend naar de Albert Cuypmarkt moeten lopen omdat stoepen vol staan met sandwichborden, terrasstoelen en – tafels.

Bovendien hanteren kledingwinkels of andere niet-horeca ondernemingen een zogenoemde mengformule. Ze hebben als extra klantenservice een koffiehoekje in hun winkel gebouwd en mogen in Stadsdeel Zuid ook nog een terras buiten zetten. Althans, een gevelbank volgens de officiële richtlijnen. Maar wie rondkijkt, ziet ook dat een of meerdere tafels deel uitmaken van dit ‘gevelmeubilair’.

Vanwege al die terrassen, plus bijkomende (brom)fietsenchaos ben je genoodzaakt op sommige stukken straat met gevaar voor eigen leven de rijweg te nemen. Als je goed ter been bent is dat al geen pretje, maar als je in een rolstoel zit, met een kinderwagen loopt of vanwege slecht zicht met een stok, is dit reuze gevaarlijk. Ook leeft bij bewoners het idee dat terrassen steeds verder worden uitgebreid.

Van kastje naar de muur
Boudewien van Heek van het Platform Bewoners van De Pijp: “Wij als Platform hebben begin dit jaar geprobeerd een avond te organiseren in Wijkcentrum Ceintuur met buurtbewoners en mensen van het stadsdeel. Doel was om duidelijk te krijgen wat nou precies de regels zijn met betrekking tot horeca in De Pijp, waar en hoe je klachten kan indienen. Dat is totaal mislukt omdat we steeds maar doorverwezen werden naar een ander persoon bij het stadsdeel. Typisch een geval van het bekende van kastje naar de muur.

Er is nogal wat onduidelijkheid. Zo belde ik laatst de HOT (Horeca Overlast Telefoon) in verband met een klacht over een terras en werd mij door een medewerker verteld dat de HOT zich alleen bezighoudt met overlast die binnen in een horecagelegenheid plaats vindt. Ik moest maar de politie bellen, want terrassen vallen onder openbare ruimte. Kortom, onduidelijkheid alom. Daarnaast hebben wij als Platform het idee dat er niet goed gehandhaafd wordt.”

Een vrij complexe materie
Gelukkig gaf William Stockman, beleidsadviseur EZ (Economische Zaken) bij Stadsdeel Zuid, tijdens de afgelopen openbare vergadering van de Bestuurscommissie Zuid op 11 juni, uitleg over het horecabeleid in De Pijp en konden bewoners ook inspreken.

”De horecaregels zijn een vrij complexe materie”, begon William Stockman zijn uitleg. “Het meest recente Horecabeleid Zuid is van 2011, en valt onder de APV (Algemene Politie Verordening) en het ruimtelijk beleid. De bestuurscommissie houdt zich bezig met kleine gevallen, zoals het wel of niet toewijzen van een horecavergunning.”

Over de zogenoemde mengvormen zei hij het volgende: “Mengvormen met een horeca-aspect mogen géén alcohol schenken. Het terrassenbeleid valt onder APV en geeft ruimte aan stadsdelen om daar nadere invulling aan te geven. Mengformules mogen geen terras, alleen in Zuid loopt een proef waarbij een gevelbank wel is toegestaan.”

500 klachten in een jaar
Wat de horecaklachten betreft: “In 2013 waren dat er in Stadsdeel Zuid bijna 500: onder meer zo’n 350 over geluid en zo’n 80 over terrassen. Uit De Pijp kwamen de meeste klachten, waaronder 225 geluidsklachten”, aldus William Stockman.

Je zou denken dat die geluidsklachten reden zijn voor het stadsdeel om in te grijpen. Maar helaas, geluidsklachten vallen niet onder het stedelijke handhavingsregime van ‘three strikes you’re out’. Handhaving op geluid valt namelijk onder de wet milieubeheer. Dus bij drie klachten over geluid hoeft een horecagelegenheid de tent niet te sluiten. William Stokman: “Wel is het zo dat geluidsklachten samen met andere klachten tot sancties kunnen leiden. Bijvoorbeeld in combinatie met klachten over het overschrijden van openingstijden, het blijven serveren aan dronken gasten of het illegaal uitbreiden van een terras.”

Onbevredigende antwoorden
Bij dat laatste moet je als bewoner wel ergens kunnen nagaan hoe groot een bepaald terras mag zijn. Op de vraag waar die informatie is te achterhalen, kon de bestuurscommissie geen bevredigend antwoord geven. In nieuwe horecavergunningen staat wel dat een zaak zijn terras duidelijk op de stoep moet markeren. Maar er zijn nog tal van zaken met een oude vergunning en zolang die niet vernieuwd wordt, hoeven horeca ondernemers hun terras niet te markeren. Ook op de vraag wat er nou precies met de bijna 500 klachten is gedaan kon de bestuurscommissie geen duidelijk antwoord geven.

Kortom, de bewoners konden wel hun verhaal en frustraties kwijt tijdens het inspreken maar uiteindelijk werden ze niet veel wijzer. Overigens staat de teller qua klachten over 2014 in Zuid nu op 129: 94 over geluid, 19 over stank, 7 over terras en 4 klachten waren een combinatie van alle drie.

Terrasvergunning
Navraag bij Stadsdeel Zuid, levert de volgende informatie op. Rob van Duchteren, van de afdeling Communicatie: “Horecazaken met een terras hebben een terrasvergunning nodig. In deze vergunning staat de maatvoering en de locatie van het terras. Een terrasvergunning is op afspraak in te zien bij de afdeling vergunningen van Stadsdeel Zuid, te bereiken via (het telefonische servicenummer van de gemeente Amsterdam) 14020.” Wat betreft de vraag wat er nu precies met klachten is of wordt gedaan, was het antwoord bij het ter perse gaan van deze krant nog niet binnen.

Klachten over horeca-overlast kunnen gemeld worden op de Horeca Overlast Telefoon: 421 4567, dag en nacht bereikbaar. Als het mogelijk is, wordt direct actie ondernomen. Soms is dit niet mogelijk. Er wordt dan gekeken wat men op termijn aan de klachten kan doen.

In het horecabeleid zijn algemene beleidsregels opgenomen voor de horeca in Stadsdeel Zuid. Daarnaast wordt in de beleidsnota de mogelijkheid van horecauitbreiding in Zuid per wijk beschreven.