Huiselijkheid en een luisterend oor

Datum: 1 december 2011 / Editie: December 2011 / Auteur(s): Christine Westerveld

Opgeleid tot coupeuse, jarenlang werkzaam in achtereenvolgens een bakkerij, een stoffenhandel en een ringloopwinkel, is de in de Staatsliedenbuurt geboren en nu in Midwoud woonachtige Tiny Wever de laatste tien jaar sociaal huismeester in de seniorenflat aan de Willibrordusstraat in De Pijp. Ze verzorgt er de koffie, doet een klein klusje, gaat mee naar het ziekenhuis als dat nodig is en biedt een luisterend oor aan de bewoners. Per 1 januari is ze haar baan kwijt, als gevolg van bezuinigingen bij Combiwel, haar werkgever.

In het geval van Tiny valt haar ontslag samen met een naderend pensioen, maar zij is er de vrouw niet naar om thuis achter de spreekwoordelijke geraniums te gaan zitten.

“Ik dacht, ik ga voor mezelf beginnen, ik doe mijn werk met zo veel plezier, dat ik nog wel een paar jaar door wil gaan”, vertelt Tiny in de huiskamer van het pand op de hoek van de Carillonstraat en de Jan Lievensstraat, dat ze sinds september huurt en omgedoopt heeft tot ‘Seniorenhoek De Diamant’. Tijdens een wandeling door de buurt zag ze een briefje op het raam: Te Huur. “Ik heb direct gebeld, de eigenaar woont hierboven en het was zo geregeld”. Het is officieel een bedrijfsruimte, maar het heeft de indeling van een woning en zo heeft Tiny het ook ingericht, heel huiselijk, vol tweedehands spulletjes die ze overal vandaan heeft.

Nu nog is ze er twee dagen per week, maar het is haar bedoeling om dat met ingang van januari naar vijf dagen uit te breiden. “Ik heb nu op vrijdagochtend om half elf een koffie-inloop, waar iedereen welkom is, en vrijdagmiddag om vier uur een borrreluurtje. Donderdags kook ik een warme maaltijd voor maximaal acht personen. Daarvoor moet men zich wel van tevoren aanmelden en het kost 6 euro. Ik heb straks mijn AOW en mijn pensioentje, dus ik hoef hier niet van te leven”, zegt Tiny, “ik verdien hier geen geld, als ik mijn kosten eruit haal, ben ik tevreden. “Ik richt me op mensen van 40+ tot 100 jaar”, vervolgt ze, en in principe kan iedereen hier terecht. Binnenkort houdt iemand hier een tupperware-party en als iemand een hightea wil organiseren of een breiclubje wil beginnen, kan dat ook. Voor 20 euro per dagdeel kun je hier een hele ochtend of middag terecht. En laatst heeft hier een groepje Turkse vrouwen ontbeten, gewoon voor de gezelligheid, ze hadden alles meegenomen en ik heb voor de koffie en thee gezorgd. Maar ik heb bijvoorbeeld ook al een dag voor een dementerende man gezorgd, zodat zijn vrouw er een dagje tussenuit kon. Het kan allemaal.”

‘Laatst heb ik hem hachee gebracht en hij zei dat hij eerst een half uur alleen al van de geur wilde genieten, zo heerlijk vond hij het.’

Om wat extra inkomsten te genereren, verkoopt Tiny ook tweedehands spulletjes. In de hal staan twee tafels vol snuisterijen, serviesgoed en speelgoed. “Alles wat hier staat is te koop”, aldus Tiny, “het geld gaat in een potje, dat bestemd is voor een uitstapje met iemand die het echt nodig heeft en het niet kan betalen”. En ze denkt vooruit. Zo kocht ze alvast een paar kaarten voor het Ouderen Songfestival. “Ik weet nog niet met wie ik ga, maar het songfestival is heel populair en straks zijn alle kaarten uitverkocht”.

Door haar werk kent Tiny al heel veel mensen in de buurt en ze weet uit ervaring dat er achter de voordeuren veel eenzaamheid, ellende en verdriet schuilgaat. Sommige mensen komen via de Wijkpost voor Ouderen bij haar terecht, maar ‘er zijn mensen waar we nog geen weet van hebben en die wil ik ook zo graag opsporen’, zegt Tiny. Kort geleden kwam ze in contact met een hoogbejaarde vrouw die al 70 jaar een last met zich meedroeg, waar ze nog nooit met iemand over had durven praten. Ze vertelde het nu voor het eerst, aan Tiny.

Als ik Tiny op een donderdagmiddag spreek, zit ze met haar gedachten al bij de warme maaltijd later op de dag. “Straks komen hier zes mensen eten”, zegt ze, “maar ik denk dat ik ook een maaltje breng naar een meneer die hier aan de overkant woont en die niet zo goed overweg kan met de diepvriesmaaltijden die hij thuis bezorgd krijgt en in een magnetron moet opwarmen. Laatst heb ik hem hachee gebracht en hij zei dat hij eerst een half uur alleen al van de geur wilde genieten, zo heerlijk vond hij het. En als ik morgen hier ben, kan ik ook wel tussen de middag even een omeletje voor hem bakken, dat krijgt hij anders nooit.”

Wie denkt dat er thuis niemand op Tiny zit te wachten, heeft het mis. Ze is getrouwd, haar man is al met pensioen, maar staat volledig achter haar. En als het nodig is, komt ook hij een handje helpen. “Weet je, ik doe dit zo graag”, zegt Tiny, “mensen gezelligheid bieden en een praatje met ze maken”. Het grootste compliment dat iemand mij kan maken, kreeg ik laatst van een mevrouw. Ze zei: ‘goh, het is hier zo gezellig, ik voel me hier thuis’.”

Seniorenhoek De Diamant Dagbesteding particulier en Persoonsgebonden Budget Carillonstraat 22 Inschrijvingen en Inlichtingen: tel. 06 42 99 14 96

In toekomstige Huis van de Wijk geen plaats voor iedereen

Datum: 1 november 2011 / Editie: November 2011 / Auteur(s): Christine Westerveld

Buurtcentrum De Pijp aan de Tweede Van der Helststraat wordt per 1 januari 2012 één van de vijf ‘Huizen van de Wijk’ in het stadsdeel Zuid. Een nieuwe naam, een nieuw beleid.

Verantwoordelijk wethouder Marco Kreuger (VVD) maakt een rondgang langs de toekomstige Huizen van de Wijk om tekst en uitleg te geven. Na het personeel is het nu de beurt aan vrijwilligers en gebruikers van de buurthuizen om duidelijkheid te krijgen over de gevolgen van de nieuwe opzet.

Zo’n dertig belanghebbenden waren 25 oktober naar het Buurtcentrum De Pijp gekomen om uit de mond van wethouder Kreuger te vernemen, dat het toekomstige Huis van de Wijk weliswaar een huis voor en door de bewoners en gebruikers moet worden, maar dat ingegeven door bezuinigingen en een scherpere formulering van de doelstellingen van het welzijnswerk, activiteiten die bijdragen aan het voorkomen van vereenzaming en sociaal isolement voorrang zullen krijgen. In de praktijk betekent dit, dat activiteiten voor ouderen, cliënten van de GGZ en ‘inburgeraars’ prioriteit krijgen. Als er dan nog ruimte over is zal bekeken worden voor welke clubs en activiteiten nog plaats is.

Na de wethouder is het woord aan de huidige gebruikers van het Buurtcentrum: vertegenwoordigers van de voedselbank (die in het Buurtcentrum intake-gesprekken voert), de kaartclub, de computerinloop, de breiclub, de yogaclub, de kookclub, de tuinclub, mensen die soms al twintig jaar of langer wekelijks naar het Buurtcentrum komen. “Zal er na 1 januari nog ruimte zijn in het Huis van de Wijk voor mijn clubje of activiteit?”, is dé vraag van al deze mensen. Na de sluiting van twee van de drie buurthuizen in De Pijp, is de druk op de ruimte in het Buurtcentrum De Pijp al toegenomen en met de nieuwe opzet zal dat nog meer het geval zijn. “Er zal niet voor alle groepen plaats zijn in het Huis van de Wijk, er zullen keuzes gemaakt moeten worden”, geeft Marco Kreuger toe, “maar concrete vragen op activiteitenniveau kan ik lastig beantwoorden; ik raad u aan om alvast op schrift te zetten wat uw activiteit bijdraagt aan het voorkomen van vereenzaming en sociaal isolement”. “En kaarten kan misschien ook wel in de kroeg of bij iemand thuis”, oppert hij. Hij nodigt de aanwezigen uit om vooral zelf na te denken over oplossingen. Een ander speerpunt van het stadsdeel is namelijk de bewoners te ‘enthousiasmeren en stimuleren om meer verantwoordelijkheid te nemen voor hun wijk en voor elkaar’.

Eén van de aanwezigen dringt bij de wethouder aan op een fatsoenlijke overgangsperiode.

“Wij staan met onze rug tegen de muur. Het stadsdeel heeft alle tijd gehad om plannen te ontwikkelen, maar de gebruikers van het Buurtcentrum weten nu nog niet waar ze aan toe zijn, terwijl de nieuwe situatie per 1 januari ingaat. Degene die invulling moet gaan geven aan het geheel, de zogenoemde ‘aanjager’, moet nog benoemd worden, dat betekent dat alles in anderhalve maand z’n beslag moet krijgen. Wij hebben ook met een planning te maken!”

Naarmate de bijeenkomst verstrijkt lopen de emoties hoger op, men vraagt zich af hoe eenzaamheid gemeten wordt en waar de wethouder al die gewenste extra vrijwilligers vandaan denkt te halen. De wethouder blijft zijn antwoorden rustig herhalen. Hij beseft dat er nog veel onzeker is en heeft begrip voor het onbegrip en de boosheid onder de aanwezigen over de ophanden zijnde veranderingen. Hij realiseert zich dat er voor veel problemen nog oplossingen gevonden moeten worden en dat de tijd dringt, maar hij zegt ook te geloven dat het haalbaar is.

De tijd zal leren of dat zo is.

In buurtcentrum De Pijp, Tweede Van der Helststraat, staat een ideeënbus, waarin u uw wensen en ideeën voor het Huis van de Wijk kunt deponeren.

Digitaal kan ook op huisvandewijk@zuid.amsterdam.nl

Portret van het Henrick de Keijserplein

Datum: 1 augustus 2011 / Editie: August-2011 / Auteur(s): Christine Westerveld

In het hart van de Zuid-Pijp, op de grens van de oude en de nieuwe Pijp, ligt het grootste van de tien pleinen die De Pijp rijk is, het Henrick de Keijserplein. Op de circa 2500 vierkante meter wordt zowel gewoond, gewerkt als gerecreëerd.

Wonen
Het plein, waar zeven straten op uitkomen, wordt volledig omsloten door bebouwing. De huizen aan de oost- en westzijde zijn van begin negentiende eeuw. De woningen aan de zuidkant zijn gebouwd rond 1920 in het kader van plan Zuid van de architect Berlage. Ze hebben de karakteristieke stijl van de Amsterdamse School. Aan de noordzijde van het plein staat een in 2004 gebouwd vijf-verdiepingen-hoog nieuwbouwcomplex. Het plein is sinds de aanleg altijd volledig gericht geweest op recreatie. In de digitale beeldbank van het Stadsarchief staat een prentbriefkaart met een afbeelding van Speeltuinveereniging “district V” op het Henrick de Keijserplein, gedateerd 1900.

Werken
Veel winkels zijn er niet aan het plein. De heer Özgür van de gelijknamige ‘versshop’, heeft er in de loop der tijd veel zien verdwijnen. Ook hij heeft het moeilijk, zijn omzet is sterk gedaald. “Veel grote gezinnen vertrekken uit de buurt”, zegt hij, “er komen een- of tweepersoonshuishoudens voor in de plaats. Zij kopen heel weinig bij mij”. Hij is nu zeven dagen per week open, net als zijn collega van ‘Super P & P’ een stukje verderop.

Corrie van Wijngaarden, eigenaresse van dierenboetiek annex trimsalon Boco, bevestigt dit beeld. “De buurt veryupt, dat is het”, vertelt ze in een filmpje dat op haar website te zien is, “financieel kan je van deze winkel niet leven, je moet het zien als hobby. Gelukkig heb ik een man die geld verdient, want anders zou ik deze winkel niet kunnen draaien. Dat kan niet door de bevolking die er nu is gekomen. Als jij van ’s morgens vroeg tot ’s avonds moet werken om de hypotheek op te brengen, kan je er geen hond of kat op na houden.” Dat kan Corrie zelf wel. Pas er bij het verlaten van haar winkel dan ook op niet te struikelen over de langharige en kortzichtige kater Sora, die vaak aan een tuigje voor de deur zit. Hij heeft de gewoonte bij mooi weer midden op straat in het zonnetje te gaan liggen. Ook dieren blijken wel eens tegen zichzelf in bescherming genomen te moeten worden. Tegenover Boco zit de Boezemvriend, een borstvoedingswinkel en -praktijk . Hier kunnen zwangere vrouwen een ‘basiscursus borstvoeding’ volgen en alle benodigdheden daaromtrent kopen. Er is een gezellig zitje, waar vrouwen hun baby de borst kunnen geven en ervaringen kunnen uitwisselen.
Zou er ook een vervolgcursus zijn?

Verder zitten er aan het plein een kookschool, een kinderdagverblijf en kinderatelier Kiekeboe, waar kinderen tot negen jaar na schooltijd kunnen schilderen en tekenen onder begeleiding van twee studenten van de Rietveldacademie. De enige horeca ter plekke is Café Reuring. Zij serveren – naar eigen zeggen – ‘restaurantgerechten voor eetcaféprijzen’. De eigenaar nam een leuk initiatief. Je kunt er voor € 7.50 meeeten met het personeel. Wie vóór 16.00 uur belt weet wat de pot schaft en kan rond 17.00 uur aanschuiven.

Recreëren
Het hart van het plein, het speelveld, is omgeven door een smalle groenstrook met bomen, bankjes en wipkippen. Er is een voetbal- en basketbalveld, een tennisveld van de Richard Krajicek-foundation en een tafeltennistafel. Voor benodigdheden als ballen en rackets kan men terecht bij de twee sportcoaches die doordeweeks aanwezig zijn. De kleintjes kunnen spelen in de speeltuin en er staan picknicktafels, die op zomerse dagen tot laat in de avond bezet zijn. In een schattig authentiek clubhuisje worden allerlei activiteiten georganiseerd, zoals modelbootjes bouwen, stijldansen, klaverjassen en knutselen. Voor de clubjes is er een zomerstop, maar het clubhuisje zelf is dan gewoon open van 9.30 uur tot 15.30 uur. ‘De koffie is klaar’ staat er op het bord bij de entree. Iedereen is welkom! En mensen die op zoek zijn naar ruimte voor een clubactiviteit kunnen er nog steeds terecht voor een schappelijke prijs.

Overlast
Op een vroege zaterdagochtend wordt er op het plein gevoetbald door een groepje jongens die hier nu afspreken, omdat hun voetbalclub in de zomer gesloten is. Ik zie jochies van zes, zeven jaar met de namen Messi, Huntelaar en De Jong op hun rug. Meisjes schommelen zo hoog ze kunnen en de kleinsten spelen in de zandbak. De ouders houden een oogje in het zeil, drinken samen koffie en hebben van alles te bespreken. Het ziet er heel gezellig uit.

Toch blijkt er een wolkje te hangen boven het zonnige tafereeltje. Een van de moeders vertelt dat er in toenemende mate overlast wordt ervaren van een groepje jongens. Zodanig dat een aantal bewoners aan de bel trok bij het stadsdeel, dat direct een bijeenkomst organiseerde waar de stadsdeelvoorzitter persoonlijk acte de présence gaf.

De beheerder van de speeltuin vindt het allemaal wat overdreven: “Natuurlijk gebeurt er wel eens wat, wat wil je, we zitten midden in de stad. Maar als je het afzet tegen het aantal mensen dat hier komt, kinderen en volwassenen, soms wel vijfhonderd op een dag, stelt het niets voor”. Toch kregen drie jongens een tijdelijk toegangsverbod, de ouders worden aangesproken op het gedrag van hun kinderen en eventuele schade zal verhaald worden op de daders. Ook wordt er nu intensiever gesurveilleerd door buurtregisseur en straatcoaches, zeven dagen per week. In september is er weer een bijeenkomst om te zien hoe het gaat.

Als dit wolkje snel overdrijft kan iedereen weer optimaal genieten van dit prachtige plein in De Pijp.

Vreemde valuta

Datum: 1 augustus 2011 / Editie: August-2011 / Auteur(s): Christine Westerveld

Zeg ken jij de muntenman? Hij woont in Gaasperdam, maar op maandagmiddag staat hij vaak op de Albert Cuypmarkt, met zijn versierde bakfiets met daarop een melkbus, de zogenaamde ‘Brinkiebus’. Alleen zit er geen melk in, maar geld.

Toon Borst, alias de muntenman, werkte als clubhuisleider in een woonwagenkamp in Osdorp, als opbouwwerker in Zuidoost en hij richtte 27 jaar geleden in Gaasperdam kinderboerderij ‘t Brinkie op. Toen hij in 2001 met de vut ging besloot hij – met de overgang van de gulden naar de euro in het vooruitzicht – voor de toen vanwege de MKZ-crisis gesloten kinderboerderij alvast buitenlandse munten en –biljetten in te gaan zamelen en dat doet hij nog steeds.

Inmiddels staan er ‘Brinkiebussen’ door heel Amsterdam en wordt er, – nu de guldenmunten niet meer ingewisseld kunnen worden – alleen nog buitenlandse munten en Nederlandse biljetten gevraagd en gaat het geld ook naar andere goede doelen. Zoals naar giro 555 voor de hongersnood in de hoorn van Afrika.

Ik tref Toon op de Albert Cuyp zonder zijn bakfiets, die in de stalling staat aan het Weesperplein, die gesloten is wegens vakantie. Maar mét een bord, flyers en zijn stem: ‘Heeft u nog buitenlandse munten voor het goede doel?” Toon blijkt niet om woorden verlegen te zitten. Hij vertelt honderduit over zijn muntenactie. Dat hij zo in de afgelopen 10 jaar € 200.000,- bijeen heeft gesprokkeld en dat het nog steeds loont. Mensen geven ‘vakantieoverschotjes’ van over de hele wereld, maar ook komt er nog steeds veel oud geld binnen uit eurolanden, dat nog steeds inwisselbaar is bij de Nationale Banken van de betreffende landen. “Bijvoorbeeld als er iemand overlijdt of als mensen de zolder opruimen, komt er ineens weer wat boven water”. Toon sorteert alles en beschikt over een heel netwerk van mensen die, als ze naar een bepaald land toegaan, ‘een kilotje geld meenemen’ om het daar te ‘vereurotiseren’, zoals Toon het noemt. Maar voor o.a. het Caraïbisch gebied, Bulgarije, Denemarken, Engeland en Singapore kan hij nog mensen gebruiken. Dus mocht u binnenkort die kant op gaan ….. op de website van ’t Brinkie vindt u de volledige lijst en alle informatie.

Toon, die het er druk mee heeft, beloofde zijn vrouw om het wat rustiger aan te gaan doen en vaker wat samen te ondernemen. “Dat lukt ook”, zegt Toon, “ik sta alleen nog op de Noordermarkt en de Albert Cuyp”. En verder moeten natuurlijk alle over de stad verspreide ‘Brinkiebussen’ regelmatig geleegd worden. In De Pijp staan ze op de kinderboerderij, die ook meedeelt in de opbrengst, bij Albert Heijn aan het Cornelis Troostplein en de Stadhouderskade, schoenenzaak Otten aan de Eerste Van der Helststraat en bij de Coöperatie Eerste Jan Steenstraat 5.

Als het aan Toon ligt, gaat hij door tot 30 december 2031, de laatste dag dat guldenbiljetten bij De Nederlandse Bank inwisselbaar zijn. Twee maanden daarna hoopt Toon negentig jaar te worden.

www.muntenactie.nl
www.kinderboerderijbrinkie.nl

JA, De Pijp Krant voor alle buurtbewoners!

Datum: 1 maart 2011 / Editie: March 2011 / Auteur(s): Christine Westerveld

Van de circa 22.000 huishoudens in De Pijp hebben er ongeveer 8.000 een NeeNee-sticker op de brievenbus. Deze bewoners willen – behalve geen reclame – ook geen huis-aan-huisbladen ontvangen. Bent u één van hen, dan ontvangt u ook De Pijp Krant niet. Weet u wel zeker dat u dat wilt? Wij vragen u voor één keer De Pijp Krant te lezen. Misschien verandert u van gedachten en plakt u alsnog de ‘Ja, wél De Pijp Krant’-sticker op uw brievenbus.

De Pijp Krant verschijnt acht keer per jaar. De redactie bestaat geheel uit vrijwilligers. De krant is gerelateerd aan het Wijkcentrum Ceintuur. Het Wijkcentrum ontwikkelt activiteiten om de woon-, werk- en leefomstandigheden in De Pijp te verbeteren, maar wil bovenal de bewoners stimuleren om zelf initiatieven te nemen, die de leefbaarheid en saamhorigheid in De Pijp vergroten. Het Wijkcentrum faciliteert en ondersteunt hen daarin.

Geschiedenis
Het Wijkcentrum Ceintuur bestaat ruim 40 jaar en vindt zijn oorsprong in de roerige jaren zestig van de vorige eeuw, toen de grotendeels verpauperde Noord-Pijp voornamelijk bewoond werd door arbeiders, studenten en kunstenaars. Veel panden waren gekraakt en er was veel overlast van junkies. Alle reden dus om in actie te komen tégen de verpaupering en vóór verbetering van de leefbaarheid in de buurt. In de afgelopen 40 jaar heeft De Pijp een ware metamorfose ondergaan. Van armoedige wijk is het nu een van de welvarendste, populairste én duurste wijken van Amsterdam geworden, met een zeer gemêleerde bevolkingssamenstelling. Was De Pijp Krant ooit een ‘aksiekrant’, nu wil De Pijp Krant een krant zijn voor alle bewoners!

Wonen, Opbouwwerk en Groen
De kernactiviteiten van het Wijkcentrum, ‘wonen’, ‘opbouwwerk’ en ‘groen’ zijn vast vertegenwoordigd in De Pijp Krant. Het Wijksteunpunt Wonen, het Opbouwwerk en het Natuur- en Milieuteam (NMT) hebben hun vaste plek op pagina 3 en 5, en zij leveren zelf kopij aan. De rubriek ‘Op het spreekuur’ beschrijft een kwestie tussen huurder en verhuurder: de reden, de aanpak en de uitkomst van een conflict. Informatief voor iedere huurder, die geinteresseerd is in rechten en plichten van huurder én verhuurder. De opbouwwerkers informeren u via De Pijp Krant over buurtfestivals, activiteiten voor speciale doelgroepen, over perikelen rond de aanleg van een parkeergarage of de herinrichting van bijvoorbeeld het Archiefterrein of het Hercules Seghersplein, om maar een paar voorbeelden te noemen.

Het Natuur- en Milieuteam spant zich in voor behoud en uitbreiding van groen in De Pijp. Wist u dat De Pijp de wijk in Amsterdam is met het minste groen per inwoner? Alle bestaansrecht dus voor dit team. Men kan bij hen terecht voor het aanvragen van een geveltuin en voor hulp bij het aanleggen ervan. De watertuinen in de Boerenwetering zijn op initiatief van het NMT aangelegd en het NMT is ook de motor achter het GroenGemaal in het Sarphatipark. Hier kan men advies krijgen over planten voor (gevel)tuin en balkon, stekjes en zaden ruilen en ecologische bollen kopen. Het NMT ondersteunt de Bomenridders, een groep vrijwilligers die zich inzet voor het behoud van bomen in de buurt, het NMT is een Mussenproject begonnen (‘breng de mus terug in De Pijp!) en bepleit bij nieuwbouwprojecten voldoende rekening te houden met broedgelegenheid voor vogels. Via De Pijp Krant houdt het NMT u op de hoogte van hun activiteiten.

Redactionele bijdragen
De overige pagina’s van De Pijp Krant worden gevuld met bijdragen van de redactieleden, die als vrijwilliger aan de krant verbonden zijn. Het hoofdartikel gaat over actuele kwesties die spelen in De Pijp. Zo werd er de afgelopen jaren geschreven over ontwikkelingen rond de aanleg van de Noord-Zuidlijn onder de Ferdinand Bolstraat en het metrostation Ceintuurbaan, maar ook over de gevolgen van het samenvoegen van meerdere stadsdelen tot één stadsdeel Zuid, over de aanstaande bezuinigingen op het opbouw- en welzijnswerk in De Pijp, over de parkeeroverlast van (bak) fietsen en scooters in de buurt en over de gevolgen van de toenemende populariteit van De Pijp als uitgaansgebied.

De overige artikelen kunnen over van alles en nog wat gaan. Zo schreven we in 2010 o.a. over de Albert Cuypmarkt, onveilige verkeerssituaties, de Voedselbank, de Kinderboerderij, Open Dagen en kunst en cultuur in De Pijp.

Vaste rubrieken
Naast de variabelen zijn er de constanten. In de rubriek ‘Inburgeren met De Pijp Krant’ laat Maarten Wesselink u kennismaken met buurtbewoners: man, vrouw, jong, oud, rijk, arm, geboren en getogen Amsterdammers en mensen die van heinde en verre hier zijn neergestreken. Een mooie afspiegeling van de bevolkingssamenstelling van onze buurt. ©hris laat in haar column haar gedachten gaan over wat zij zoal in De Pijp op haar pad vindt, van hangjongeren, weesfietsen, afmeerbeleid tot aan hondenpoep. En in de rubriek ‘Prenten van Weleer’ neemt Ton van der Tas u – aan de hand van een van de honderden historische ansichtkaarten van De Pijp uit zijn eigen verzameling – mee naar het verleden en geeft u een schat aan informatie over de geschiedenis van De Pijp.

In Cultuur Uitgelicht worden voorstellingen belicht in filmhuis Rialto, muziekcentrum De Badcuyp of het Ostadetheater. En dan kunt u ook nog eens twee vrijkaartjes winnen voor een film naar keuze in Rialto, als u de juiste oplossing van het cryptogram instuurt!

Tot slot biedt De Pijp Krant u gelegenheid om voor een schappelijke prijs te adverteren. Een mooie gelegenheid voor zelfstandige ondernemers in De Pijp om hun bedrijfje onder de aandacht te brengen!

Steun
In de bezuinigingsplannen van het stadsdeel wordt het Wijkcentrum Ceintuur in 2012 mogelijk gesloten. Misschien betekent dit ook het einde van De Pijp Krant. Wij maken ons sterk voor het behoud van beide. Wilt u ons hier in steunen? Plak dan de bijgevoegde ‘Ja, wél de PijpKrant’-sticker op uw brievenbus. En laat ons weten wat u van De Pijp Krant vindt! Schrijf ingezonden brieven, draag onderwerpen aan, vertel ons wat u mist in de krant of waar u zich aan ergert! Dan zullen wij ons inspannen om een buurtkrant te schrijven die voor alle bewoners de moeite van het lezen waard is!

De ‘Ja, wél De PijpKrant’-sticker is ook verkrijgbaar bij Wijkcentrum Ceintuur, Gerard Doustraat 133.

klussendienst nieuwe stijl is strenger

Datum: 1 maart 2011 / Editie: March 2011 / Auteur(s): Christine Westerveld

In het streven naar een efficiëntere organisatie van verschillende – elkaar soms overlappende – diensten is er in het kader van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (wmo), op stedelijk niveau, een nieuw basispakket ‘individuele diensten’ ontwikkeld.

Dit basispakket, dat als uitgangspunt de zelfredzaamheid van mensen heeft, geldt voor alle Amsterdammers en is in alle stadsdelen hetzelfde. Ook voor de Klussendiensten, die kleine klusjes aan huis doen, heeft dit gevolgen. De criteria zijn veranderd en de selectieprocedure wordt strenger.

“Het wordt allemaal wat ingewikkelder”, vertelt Idriss Sebti, coördinator van de Klussendiensten Oud-Zuid en OudWest en dus ook van De Pijp, in zijn kantoor aan de Lutmastraat. “Tot voor kort kon iedereen boven de 55 jaar en iedereen met een handicap – tegen betaling van de materiaalkosten en een kleine eigen bijdrage – een beroep op ons doen voor een klusje of kleine reparatie. Daarbij moet je denken aan het ophangen van een lampje of schilderijtje, een lekkende kraan, het instellen van de televisie, of klein tuinonderhoud. In de nieuwe opzet zijn er meer en strengere criteria betreffende leeftijd, zorgindicatie, de lijnen waarlangs de aanvraag verloopt en de klussen zelf. Het aannemen en verwerken van de aanvragen is daardoor gecompliceerder geworden, het kost meer tijd en het stelt hogere eisen aan degene die de aanvraag opneemt.”

Het valt niet mee om de nieuwe regelgeving te ontrafelen en het voert te ver om hier de nieuwe regeling tot in de kleinste details uiteen te zetten, maar een paar hoofdlijnen zijn er wel te onderscheiden. In het kader van het overheidsbeleid om mensen zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen, kan iedere gehandicapte of 65-plusser nu door de Klussendienst gratis kleine woningaanpassingen laten doen als het aanbrengen van handgrepen, het verwijderen van drempels of het plaatsen van een verhoogd toilet. Voor de eerder genoemde categorie kleine klusjes en reparaties moet men nu 75-plusser zijn of als men jonger is een wmo- of awbz-indicatie hebben.

Welzijnsorganisatie Combiwel, waaronder de Klussendienst valt, werkt samen met Pantar, een organisatie die ‘mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt’ helpt te re-integreren in de maatschappij. De meeste ‘klusjesmannen’ van de Klussendienst werken via Pantar en zo snijdt het ‘welzijnsmes’ aan twee kanten. “Het aansturen en begeleiden van deze mensen valt ook onder mijn taken”, zegt Idriss, “en als mensen nooit gewerkt hebben of lang uit het arbeidsproces zijn, vergt dat veel tijd en aandacht. Maar ik ben tevreden, hoor, over mijn huidige team.” Voeg daarbij dat Idriss zijn werkterrein eerst zag uitbreiden van De Pijp naar Oud-Zuid en later ook nog naar OudWest en het mag duidelijk zijn dat de nieuwe werkwijze bij de Klussendienst een extra verzwaring is van zijn werkzaamheden. Maar als ik hem vraag of hij het nog wel naar zijn zin heeft in zijn werk, zegt Idriss zonder aarzeling: “Zeker, want mensen helpen is wat ik wil, zo veel mogelijk mensen helpen, daar doe ik het voor en dat zal ik blijven doen.”

Klussendienst (Oud)Zuid, Lutmastraat 61A
spreekuur: ma – vr 9:00 – 12:00
020 – 679 23 22, klussendienst@combiwel.nl

Fietsenstalling mét gratis bandenplak service

Datum: 1 oktober 2010 / Editie: October 2010 / Auteur(s): Christine Westerveld

“Als ik dan toch op de foto kom”, grapt Don, “zet er dan ook maar bij dat ik vrijgezel ben”.

De in Rotterdam geboren en in Almere woonachtige Don Meurs is de trotse beheerder van de nieuwe fietsenstalling aan het Gerard Douplein 90 en hij neemt blijkbaar iedere gelegenheid te baat om te laten weten dat hij behalve blij met zijn nieuwe functie ook heel blij zou zij met een nieuwe vrouw.

Het is 23 september en de buurtstalling, een samenwerkingsproject tussen het stadsdeel Zuid en de Stichting Werkprojecten Amsterdam, is officieus geopend. Er staan vijf fietsen op een capaciteit van 164 en er worden nog wat laatste werkzaamheden verricht. Don heeft alle tijd om mij zijn gloednieuwe kantoortje bij de entree te laten zien, met gehard glas ‘niet kapot te krijgen’, beveiligingscamera’s en de nieuwste computer voor de huurdersregistratie.
Direct daarachter is de werkplaats. “We gaan ook reparaties uitvoeren”, vertelt Don, “en huurders van een stallingsplaats krijgen er een gratis bandenplakservice bij”. Als ik vertel dat ik me afvraag of de enorme slag die in mijn voorwiel zit er nog uit te krijgen is, biedt hij gelijk aan er even naar te kijken. Mijn fiets gaat als eerste in de geschiedenis van deze buurtstalling in de haken. De diagnose is dat het probleem nog verholpen kan worden en dat een duur nieuw voorwiel echt niet nodig is. Omdat alle gereedschap voor het uitvoeren van deze reparatie nog niet aanwezig is, wordt deze nog even uitgesteld, maar anders had Don het graag voor me gedaan.

De stalling, de eerste in de strijd van het stadsdeel tegen de overlast van geparkeerde fietsen op straat in De Noord-Pijp, zal van maandag tot en met zaterdag bemand zijn. Via een grote rode knop bij de entree opent de deur vanzelf. Huurders van een stallingsplaats krijgen een elektronische sleutel, waarmee ze, als de beheerder er niet is, via een sensor de deur kunnen openen. Don vertelt dat hij hiervoor in een ondergrondse stalling aan de Roetersstraat werkte. “Bovengronds is veel fijner”, zegt hij, “door de open deur kun je zien of het regent of dat de zon schijnt en je hebt contact met de omgeving. Bovendien is dit een gezellige buurt, met de Albert Cuyp en zo, daar kan ik mooi mijn boodschappen doen”.

Inmiddels is het 6 oktober geweest en is de stalling door stadsdeelwethouder Marco Kreuger van stadsdeel Zuid officieel geopend. Er staan nu veertig fietsen. Zolang niet alle plaatsen verhuurd zijn fungeert de stalling ook als dagstalling, voor bezoekers van de Albert Cuypmarkt bijvoorbeeld. Voor bakfietsen, brommers en scooters is echter geen ruimte. Maar de stalling is in de eerste plaats bedoeld voor buurtbewoners, die steen en been klagen over gebrek aan parkeerruimte voor hun fiets. Dus bewoners, grijpt uw kans! Aan de prijs kan het niet liggen, want voor tien euro per maand heeft u een gegarandeerde plek en dan wordt uw lekke band ook nog eens gratis geplakt!

Succesvolle Kinderstraattheaterdag

Datum: 1 september 2010 / Editie: September 2010 / Auteur(s): Christine Westerveld

Onder een strakblauwe lucht en een stralende zon luidde het Ostadetheater zondagmiddag 5 september het nieuwe culturele seizoen traditiegetrouw in met de Kinderstraattheaterdag. De 24ste editie alweer!

Helaas moest de drumfanfare, die met een vrolijke optocht door de buurt de kinderen verleidt om achter de muziek aan te gaan en ze zo meelokt naar de festiviteiten, verstek laten gaan wegens een sterfgeval. Desondanks wisten heel veel kinderen (en volwassenen) hun weg te vinden naar het autovrije gedeelte van de Van Ostadestraat bij het Afrikahuis, waar ze zich konden vermaken met een veelzijdig programma.

Circus Kristal bood de jeugd doorlopend gelegenheid allerlei kunstjes te leren. Er werd, met vallen en opstaan en soms met de tong uit de mond geoefend op ballopen, eenwielfietsen, koorddansen, steltlopen en nog veel meer. De kinderen stonden in de rij voor clown Nardo, die onder zijn kleurige parasolletje behalve grappen en grollen ook voor ieder kind een ballonnencreatie maakte, terwijl aan de andere kant van de straat jong en oud onder deskundige leiding de eerste beginselen van het djembéspelen werd bijgebracht.

Het danstheatergezelschap Gato Bizar trad op met ‘Tonnentwist’, een hilarisch stuk vol acrobatische toeren over een twist rond twee tonnen. De kinderen gingen er helemaal in op. Na afloop studeerden de twee dansende acteurs, of moet ik zeggen acterende dansers, met de kinderen in een mum van tijd nog een sprankelend dansje in, dat direct werd uitgevoerd en met een daverend applaus beantwoord werd.

De straattheaterdag werd binnen in het Van Ostadetheater afgesloten met een muzikaal-theatraal spektakel van BOT, drie heren die naast van gangbare instrumenten gebruik maken van zelfgebouwde mechanische, niet alledaagse instrumenten als klapperende tanden, stampende laarzen, hakkende bijlen, teilen en een sladroger. Je luistert naar hun muziek, terwijl je de ogen uit je hoofd kijkt. Benieuwd waar de organisatie volgend jaar mee uitpakt als het kinderstraatfestival zijn vijfentwintig jarig jubileum viert!

Voedselbank van kerk naar loods

Datum: 1 september 2010 / Editie: September 2010 / Auteur(s): Christine Westerveld

Het uitgiftepunt van de Voedselbank Zuid is verhuisd van de Vredeskerk naar een loods op een binnenterrein aan de Lutmastraat. Met een feestelijke bijeenkomst werd het nieuwe uitgiftepunt 3 september officieel in gebruik genomen.

Marius Singels, coördinator van de voedselbank Zuid, is zeer tevreden over deze nieuwe locatie. “Wij waren al geruime tijd op zoek naar een nieuw uitgiftepunt, omdat aan de uitgifte vanuit de Vredeskerk allerlei bezwaren kleefden”, vertelt hij. “Welzijnsorganisatie Combiwel, ons altijd al welgezind, heeft nu voor ons een gedeelte van een opslagloods aan de Lutmastraat vrijgemaakt. Vlakbij buurthuis De Pijp, waar Combiwel ons ook onderdak biedt voor het wekelijkse spreekuur. Behalve de loods hebben we ook een tweede container tot onze beschikking gekregen.” Singels zet de voordelen van de nieuwe locatie ten opzichte van de Vredeskerk op een rijtje.

“De loods staat op een binnenterrein, dat een besloten karakter heeft. Het is niet te openbaar, wat heel prettig is voor onze clienten. Daarnaast hebben we hier ook meer de tijd aan onszelf. In de Vredeskerk moest de hele procedure van aanvoer, samenstellen van de pakketten, de distributie en het weer opruimen binnen drieënhalf uur gebeuren, tussen de eucharistieviering van 12.30 uur en het avondgebed om 17.30 uur in, dat is flink aanpoten. Bovendien waren niet alle parochianen even blij met de situatie.”

“Dan is het ook nog eens veel efficiënter om de opslag en de distributie bij elkaar te hebben”, vervolgt Singels, “eigenlijk hoop ik dat we hier ook het spreekuur en de intakegesprekken kunnen gaan houden, dat zou helemaal mooi zijn.” Als laatste voordeel noemt Singels dat de nieuwe locatie neutraal gebied is: “Het komt wel eens voor dat cliënten met een andere religieuze achtergrond moeite hebben om in een christelijke kerk te komen.”

Gevraagd naar de nadelen, kan Singels er maar één noemen. “De uitstraling”, zegt hij, “het ziet er niet zo mooi uit, maar er is door vrijwilligers hard gewerkt om de boel op te knappen.”

Nu de voedselbank over een extra container beschikt, wil Marius Singels er één in gebruik nemen als winkeltje. “In één container komt de opslag van bulkartikelen en in de andere de losse producten die we bij supermarktacties inzamelen”, legt hij uit. “Onze cliënten, momenteel zo’n honderd, krijgen een virtueel bedrag toegekend, waarmee ze producten kunnen kopen die – naast de inhoud van het voedselpakket, dat bepaald wordt door het aanbod van dat moment – voorzien in hun individuele behoefte.” Veel cliënten van de voedselbank kunnen slecht met geld omgaan. “Wij leren hen bewuster keuzes te maken. Je kunt je geld maar één keer uitgeven en op is op”, zegt Singels. “Met boodschappen doen willen onze cliënten nog wel eens meer producten in hun karretje laden, dan er betaald kunnen worden. Dan moet er bij de kassa een en ander uitgehaald worden en dan doet men maar wat. Wij willen mensen leren bewust boodschappen te doen: wat en hoeveel heb ik nodig en wat kost het?” Want uiteindelijk is het de bedoeling dat mensen zo kort mogelijk gebruik maken van de voedselbank en zo snel mogelijk weer op eigen benen kunnen staan.

Nazomerfestival De Pijp 2010 in beeld

Datum: 1 september 2010 / Editie: September 2010 / Auteur(s): Christine Westerveld


Feesttantes met kindermodeshow op het
kinderpodium


Steltloper Jack deelt de festivalkrant uit


Publiek bij het kunstpodium


Buurtdebat in de tiziayach-tent


Collectief Goed Mis op de KunstCuyp


Oega-Boega op het Parel in De Pijp podium


Demonstratie Poekoelan


Kraam Tellegenbuurt op de presentatiemarkt


Kinderen werken met hout in Ambachtendorp


Kleien op de knutselstand van Combiwel


Buurtbrunch


Links: Klimkussen – Rechts: Kunstproject Goed Mis op KunstCuyp


Links: Gebarentaal op dovenstand – Rechts: Winnaar Prix d’Albert voor de beste presentatie ‘Het gegeven paard’ op de KunstCuyp