Het vogelcircus aan de Amsteldijk

Datum: 16 februari 2026 / Editie: Februari 2026 / Auteur(s): Ton van der Tas

In de jaren zestig en zeventig herbergde De Pijp een uniek circus: een vogelcircus.

De thuisbasis was Amsteldijk 46, tussen de Van Ostadestraat en de Kuipersstraat.

Circusdirecteur Henk Daniëls had het circus overgenomen van zijn zeventigjarige vriend en mentor Klaas van Houten. “Jij moet het circus overnemen, ik wil het niet verkopen. Jij hebt meer met de vogels gewerkt en je bent buiten mij de enige die ermee kan omgaan”, had Klaas tegen Henk gezegd.

Klaas van Houten, geboren in 1897 in Amsterdam, was de zoon van een schoenmaker uit de Jordaan. Als kleine jongen kreeg hij van zijn vader een kanarie en zijn liefde voor vogels is nooit meer weggegaan. Op zijn vijftiende kocht hij een parkiet en begon hij met het dresseren van vogels. In de jaren dertig stond hij bij de burgerlijke stand geregistreerd als artiest en koopman. Hij trad toen al op als vogeldresseur en op zondag verkocht hij vogels op de markt op Uilenburg.

Na de Tweede Wereldoorlog verhuisde hij naar Haarlem, waar hij zijn vogelcircus weer langzaam opbouwde. In 1958 waren zijn vogels voldoende getraind en begon hij weer met optreden.

Diverse acts
Rond 1967 nam Henk Daniëls de rol van circusdirecteur over. Samen met zijn vrouw Johanna, zijn assistent Eddy Kieffer en de vogels reisden ze het hele land door en traden ze op in ziekenhuizen, op scholen, beurzen, tentoonstellingen, bij verenigingen en op feesten en partijen.

Het publiek werd getrakteerd op verschillende acts. Zo had je ‘Jacob de acrobaat’. Deze parkiet hadden zij ooit cadeau gekregen van een familie uit Deventer, nadat hij tussen de deurpost was gekomen en zijn vleugel was beschadigd. Jacob werd weer helemaal in conditie gebracht en groeide uit tot een van de sterren van het circus. Hij klom in de touwladder en liep over het koord.

Een ander topnummer was ‘Opstaan, ’t is 8 uur’. Een paar vogeltjes werden op hun rug in miniatuurledikantjes gelegd, waar zij onbeweeglijk bleven liggen, totdat de baas het sein ‘Opstaan, 8 uur’ gaf. Hierop werden de vogeltjes ‘wakker’ en stonden zij op. “Het heeft me twee jaar gekost voordat ik het vogeltje zover had, dat het op de klank van het woord acht ging reageren. U heeft er geen idee van, hoeveel geduld en liefde er aan dit ene nummer gespendeerd is”, aldus Henk in een interview met Het Nieuwsblad van het Noorden in 1967. Daniëls behandelde zijn vogels als zijn kinderen, ze kenden hem niet anders dan als ‘papa’. Hij praatte constant met zijn vogels en de vogels begrepen en verstonden hem en deden alleen iets op commando van ‘papa’.

Een ander spectaculair nummer was ‘Hotsen en botsen’. De vogels reden hierbij rond in elektrische mini-botsautootjes.

Parkieten
De heer Daniëls werkte voornamelijk met parkieten. Parkieten zijn namelijk sterk en worden gemiddeld zo’n twaalf jaar oud. Hij had er ongeveer 75. Hij werkte uitsluitend met mannelijke parkieten, want zo zei hij: “die zijn, geheel anders dan bij het menselijke ras, intelligenter dan vrouwen”.

“Op negenjarige leeftijd gaan de vogels met pensioen, dan zijn ze te oud voor het circus”. In een speciale kamer in zijn huis aan de Amsteldijk stond een groot aantal kooien waar zijn ‘vogel-AOW-ers’ in zaten, zij werden daar tot hun dood verzorgd.

“Daarom heb ik steeds jonge vogels in opleiding. Als ik een jaar lang een half uur per dag aan een vogel besteed, dus zo’n tweehonderd lesuren, dan heb ik er een nieuwe volwaardige artiest bij. Ja, zo’n vogelcircus is bijzonder arbeidsintensief. Als je het zelf niet erg leuk blijft vinden, kun je er beter mee ophouden”, vertelde hij aan het Nieuwsblad van het Noorden in februari 1972.

Twee maanden later overleed de circusdirecteur zeer onverwacht, na een kortstondige ziekte. Hij werd 67 jaar. Het is niet bekend wat er daarna met de circusvogels is gebeurd.

 

Het vogelcircus met directeur Henk Daniëls (met bril) en zijn assistent Eddy Kieffer op een reclamekaart uit de jaren zestig