De Bergenvaarderskamer – Een gildehuis aan de Amstel
Datum: 10 april 2026 / Editie: April 2026 / Auteur(s): Evelien Mellink
Aan de Amsteldijk, waar sinds 1892 het voormalige Raadhuis van NieuwerAmstel staat (hoek Tolstraat) heeft eeuwenlang de Bergenvaarderskamer gestaan.
Dit was het gildehuis van de Bergenvaarders. Verschillende kunstenaars hebben er op hun wandelingen langs de Amstel tekeningen van gemaakt. Wie waren deze Bergenvaarders?
De naam zegt het al: Bergenvaarders waren schippers en kooplieden die op Bergen voeren; dit was niet Bergen in NoordHolland maar Bergen in Noorwegen.
Bergen was het centrum van de handel in stokvis die nergens anders in Noorwegen verhandeld mocht worden. Stokvis was gedroogde kabeljauw en daardoor jarenlang houdbaar.
Gilden
Je kon niet zomaar als schipper naar Bergen varen, daar stokvis kopen en hier weer verkopen, maar je moest lid zijn van het Bergenvaardersgilde, vanaf 1576 ook wel het stokviskopersgilde genoemd.
In de middeleeuwen waren ambachtslieden en kooplieden georganiseerd in gilden. Dat waren verenigingen van personen met hetzelfde beroep, waarvan je lid moest zijn om dat beroep uit te kunnen oefenen. Zij behartigden de belangen van hun leden, verzorgden de opleiding tot dat beroep en zagen toe op de geleverde kwaliteit. Veel gilden, zoals de Bergenvaarders, droegen ook zorg voor oude en behoeftige leden. Ze hadden veel macht en bepaalden onderling de regels en prijzen; ze hadden min of meer een monopoliepositie.
Hoewel er al een gilde voor buitenlandvaarders bestond, zoals naar Engeland of Frankrijk, hebben de Bergenvaarders zich ongeveer halverwege de vijftiende eeuw in een apart gilde verenigd. Dit is vermoedelijk gedaan om de kwaliteit van de stokvis te waarborgen. Voorkomen moest worden dat door onkunde bedorven kwaliteit werd geleverd die gevaarlijk was voor de volksgezondheid. Bovendien wilde men voorkomen dat handelaren van gezonde vis van goede kwaliteit benadeeld zouden worden door oneerlijke concurrentie van goedkope vis van mindere kwaliteit. Om die reden werd het gilde door het stadsbestuur van Amsterdam beschermd en mocht niemand buiten het gilde om deze vis verkopen.
Bergen in Noorwegen
In het noorden van Noorwegen werd de kabeljauw gevangen, schoongemaakt en aan stokken in de koude, zilte lucht te drogen gehangen (vandaar de naam ‘stokvis’). Als keiharde stokvis werd hij naar Bergen vervoerd en daar door Noorse kooplieden geselecteerd en verkocht aan Bergenvaarders. Niet alleen aan de Amsterdamse schippers/kooplieden, maar ook aan Bergenvaarders uit IJsselsteden, zoals Deventer en uit Noord-Duitse steden. Zij hadden een eigen wijkje bij de haven, die de Hollandse of Duitse wijk werd genoemd.
De Bergenvaarderskamer aan de Amstel
De gilden hadden allemaal hun eigen verenigingsgebouw of gildehuis, waar men samenkwam en vergaderde. Het gildehuis van de Bergenvaarders was de Bergenvaarderskamer aan de Amsteldijk, naast het latere Tolhek – bij de huidige Tolstraat.
De eerstbekende vermelding van het gildehuis is in 1507, maar hoe lang het daar toen al stond is onbekend. Oorspronkelijk was het een boerderij in de polder buiten de stadsmuren. Het stond net buiten het rechtsgebied van Amsterdam, waardoor er geen belasting betaald hoefde te worden op bier en wijn. Door de schippers kon daar dus lekker goedkoop gedronken worden.
In 1572 is de Bergenvaarderskamer afgebrand en daarna herbouwd in steen. Sindsdien is hij verhuurd als herberg en werden de vergaderingen van de Bergenvaarders op verschillende locaties gehouden. De naam Bergenvaarderskamer bleef echter bestaan.
Naast het gebruik als herberg was er ruimte voor cultuur en vermaak. In een loods of tent achter het gebouw vonden in de 18e eeuw toneel- en operavoorstellingen plaats. In 1750 is er zelfs een heuse Italiaanse opera door een Italiaans gezelschap uitgevoerd: “l’Orazio”, een komische opera. Via de Utrechtse Poort (bij het Frederiksplein) kon men er per koets over de Amsteldijk naartoe. Ook werd de herberg door makelaars gebruikt, die daar hun zaken deden en werden er boekenveilingen gehouden.
In 1824 is het door de Gemeente NieuwerAmstel aangekocht en heeft het als raadhuis dienst gedaan. Tot de bouw van het nieuwe raadhuis, in 1889, vonden daar de raadsvergaderingen plaats. De Bergenvaarderskamer is toen afgebroken en tot op de dag van vandaag staat op de hoek van de Tolstraat het oude Raadhuis van Nieuwer-Amstel, nu het Pestanahotel.
Niets herinnert nog aan de Bergenvaarders, geen straatnaam of zelfs maar een informatiebord op de muur van het Pestanahotel. De Tolstraat herinnert aan het tolhek dat er stond, maar er is geen Bergenvaardersstraat.
Claes Janszoon Visscher: de Bergenvaarderskamer. Bron: Stadsarchief Amsterdam
